'MILA!'
Ik voel hoe een chauffeur recht tegen me aanrijdt. Ik val met een harde klap op de grond en ineens is alles donker.
*een week later*
Alles is zwart voor m'n ogen. Al m'n kracht is uit m'n lichaam gezogen. Ik kan niks bewegen, hoe graag ik het ook wil. Zelfs m'n ogen kunnen niet open. Plots hoor ik iets. Die ene stem die ik meteen herken. Het is Jonas. Ik voel z'n hand in de mijne. Maar er in knijpen lukt me niet. Ik probeer me wat beter te focussen op z'n stem. Het lijkt wel alsof hij tegen mij praat. Ik hoor geen andere stemmen dus dan kan het niet anders dan dat hij tegen mij praat. Ondanks dat ik op het punt sta om volledig te paniekeren, maakt hij me toch rustig met z'n stem.
'Ik zie je graag, Mila'
Ik wou dat ik hem kon antwoorden. Zeggen dat ik hem ook graag zie. Maar niets lukt. Niets. Ik probeer me zo min mogelijk op te winden. Nog eventjes en het lukt me weer. Nog eventjes geduld.
'Ik ga iets halen om te drinken, ik ben zo terug'
Ga maar, Jonas. Ik kan hier toch nog niet ontsnappen. Ik hoor voetstappen wegwandelen. Dat zou Jonas dan waarschijnlijk zijn. Niet veel later komt hij terug en zet hij zich, denk ik, op een stoel naast me. Ik voel z'n hand weer in de mijne. Er komt nog iemand binnen. Aan de klanken te horen heeft ze hakken aan. Ze legt een zak ergens op een tafel.
'Ik heb boterhammen voor je mee voor als je honger zou krijgen', hoor ik Tori zeggen.
Ik hoor hoe Jonas enkel maar wat mompelt.
'Is ze nog steeds niet wakker geworden?' vraagt zijn moeder bezorgd.
Doordat ik hem niks hoor antwoorden zou hij waarschijnlijk geschud hebben. Ondanks dat ik alles mee kan luisteren en alles wil doen om wakker te worden, ook al is het gewoon om hem gerust te stellen, lukt het maar niet. Ik kan niet wachten tot ik hem terug vast kan nemen. Dat ik hem nog eens kan omhelzen. Steviger dan dat ik hem ooit omhelst heb. Ik besluit me nog rustig te houden. Morgen is er een nieuwe dag. Een nieuwe kans.
Enkele dagen later probeer ik m'n hand nog eens te bewegen. De vorige dagen heb ik zo weinig mogelijk moeite gedaan om al m'n kracht op te sparen voor vandaag. Het moest en het zou nu gebeuren. Ook al is het maar één kleine spier, als die al kan bewegen ga ik zo opgelucht zijn. Met heel veel moeite hoop ik beweging in m'n vingers te krijgen. Jonas zit na al die dagen nog steeds aan m'n zijde. Hij houdt telkens m'n hand vast dus als ik m'n hand beweeg bestaat er een kans dat hij het gevoeld zou hebben. Ik wacht nog even tot ik hem iets hoor zeggen. Dan bestaat de kans er niet dat hij aan het slapen is en dus is de kans dat hij het ziet of voelt groter. Elke dag hoor ik toch wel iemand op bezoek komen. Vaak is het Tori die hem iets om te eten komt brengen, maar soms is het ook Jimmy, Charlie of Alex. Het is niet echt moeilijk om te horen wie wie is. Ieder heeft z'n eigen karakter. Als je iemand hoort binnenhuppelen dan is dat waarschijnlijk Charlie. Als het iemand meer verlegen is die niet goed weet wat te zeggen dan is het waarschijnlijk Jimmy. Als het iemand hyper is die heel veel praat, sowieso Alex. En als er iemand is die bezorgd is om mij én Jonas dan is het Tori. Ik kan echt wel van geluk spreken met iemand als Jonas. Of hij nu liever in z'n eigen bed slaapt of niet, hij blijft dag en nacht bij me. Misschien hoopt hij even hard als mij dat ik wakker word. Misschien hoopt hij even hard als mij dat als ik wakker word dat hij erbij kan zijn en dat ik hem kan zien. Misschien hoopt hij nu ook op een teken. Waarom zou ik nog wachten tot ik zijn stem hoor om toch mijn hand te proberen te bewegen? Waarom wachten als ik het nu al kan proberen? Ik verzamel alle kracht die ik kan vinden en maak de kleinste beweging met m'n pink. Maar ik heb een beweging gemaakt. Door die beweging heb ik Jonas z'n hand ook aangetikt. Het was een vederlichte tik, maar toch denk ik dat hij het gevoeld heeft. Jonas roept er een dokter bij en vertelt dat ik een beweging heb gemaakt met m'n hand.
YOU ARE READING
The Story Of Mila: Everything Changed
FanfictionIn 'The Story Of Mila' eindigt het dat Mila een ongeval heeft. In dit boek lees je over Mila haar leven na het ongeval.
