Het Begin

39 5 0
                                        

Het is nu 5 jaar geleden sinds het einde van het coronavirus en 3 jaar sinds de start van het nieuwe virus. De wereld is leeg, 90% van de bevolking heeft de virussen niet overleefd. De natuur heeft de steden over genomen over de hele wereld, steden brokkelen langzaam af. En de meeste huizen zijn al geplunderd. Mensen leven in de bossen in kleine groepen. Maar de meeste mensen leven in 1 van de 2 grote opgezette steden. In Amerika zijn er 2 steden opgezet: 1 voor de mensen die immuun zijn voor het virus, Cybee, en 1 voor de mensen die dat niet zijn, Gigates. De mensen in de grote stad mogen geen contact hebben met mensen buiten de stad omdat de oprichters vinden dat ze beter zijn dan de rest. Nathan is een van de gelukkige die in Cybee woont, hij woont er sinds kort maar heeft het naar zijn zin tot nu toe. Er is wel 1 ding dat hij mist, zijn vriendin, Evelyn. Ze zijn van elkaar gescheiden op het moment dat Nathan naar Cybee moest omdat hij immuun was en Evelyn nog niet. Hij woont nu 5 dagen in de stad en heeft nu al een baan, hij had vroeger een belangrijke rol in een groot computerbedrijf. Aangezien de stad gebouwd werd met als doel de perfecte samenleving op te bouwen is er een grote vraag naar mensen die ervaring hebben met technologie. Hij heeft een baan gekregen bij het hoofdkantoor, de plek waar alle beslissing over de steden genomen worden en waar alle leiders ook wonen. Nathan kreeg een leiding gevende rol over het besturingssysteem in de toren. Hij kreeg goed betaalt, mensen die goed omkunnen gaan met technologie staan in hoog aanzien in Cybee. Al met al had hij niks te klagen dacht hij zo. Eenmaal op zijn werk aangekomen zet Nathan zijn spullen in zijn kantoor. Toen hij voor het eerst het gebouw checkde zag alles er verouderd uit, maar dat zou hij later wel oplossen. Dit is de eerste dag dat hij een kantoor heeft dus het moet nog een beetje opgeruimd worden. Hij begint slenterend met zijn dagelijkse ronde om alle lampen in het gebouw te controleren, hij liep alle kamers langs en deed de lampen aan en uit, alles werkte nog. Daarna liep hij terug naar zijn kantoor om een bak koffie te zetten. Terwijl hij aan zijn bureau zit en zich af vraagt hoe het met Evelyn zou gaan komt er iemand zijn kantoor binnen gestormd, de lichten op een hele verdieping zijn uitgevallen. Raar, dacht hij. Dat gebeurt normaal nooit, een hele verdieping. Hij stormde naar de plek op de verdieping waar de stroom geregeld word en zag dat er iets niet klopte. Hij wist dat hij naar de lange, rode draden moest kijken voor de stroom, de draden zijn doorgeknipt. Iemand heeft het gesaboteerd. Hij zocht snel naar een knopje aan zijn sleutelbos om het hele kantoor af te sluiten. 'Sam,' begon Nathan. 'zorg dat er niemand het gebouw in of uit komt terwijl ik alles afsluit.' Sam was een jonge jongen die voor Nathan werkte, een slimme jongen maar hij moest nog veel leren. Terwijl Sam naar beneden snelde, rende Nathan de trap op naar de vergaderzaal. Als hij bij de vergaderzaal aan komt treft hij daar al een van de leiders bij de deur aan. 'Nathan, wat is er aan de hand?' begon Derek, de baas van de handel in de steden. In de tussentijd zijn de sirenes in het gebouw gaan loeien, ze wisten nu dat dit een serieus gevaar was. Niemand wist wat er precies gebeurt was maar er had zich een enorme mensenmassa verzameld om het gebouw, iedereen was op het geloei, dat je door de hele stad kon horen, afgekomen. Er was ondertussen een groep beveiligers voor het gebouw komen te staan om in eerste instantie te zorgen dat niemand het gebouw uit kwam, maar nu ook om de mensen op afstand te houden. Ook de mensen in Gigates hebben het alarm gehoord en het begint onrustig te worden. 'daar heeft die nieuwe vast iets mee te maken.' hoor je mensen zeggen. Dan worden er plots agenten opgeroepen om naar binnen te gaan, ze hebben de waarschijnlijke dader te pakken en hebben assistentie nodig. De mensen beginnen nu te duwen, ze willen weten wat er aan de hand is. Plots gaan de deuren van het balkon van de toren open. Het plein waar het net nog zo roemoerig was is nu muisstil. Er komt iemand aan gelopen, het is Nathan. Hij sleept, wat lijkt de dader te zijn, mee naar het einde van het balkon. 'we hebben de indringer gevonden.' de indringer had nog steeds een bivakmuts op. Toen Nathan de muts eraf trok hoorde je de verbazing door het publiek trekken.

You've reached the end of published parts.

⏰ Last updated: May 28, 2020 ⏰

Add this story to your Library to get notified about new parts!

The Second Virus | Dutch Where stories live. Discover now