{ Amira }

167 10 0
                                    

Legolas

Ik was al vroeg wakker, er was iets met dat meisje, iets herkenbaar. Ik ging zitten en nam wat elvenbrood. Bahh, ik vond het vreselijk. Er zat totaal geen smaak aan. Na het eten ging ik naar de rand van het bos. Het was er muisstil, dat heb je normaalgezien niet in een bos. Aragorn werd wakker. "Alles oké, Legolas?"

"Jah hoor, alles is prima."

"Heb jij al gegeten?"

"Ja, maar ik waarschuw je, dat brood is echt vuil."

Aragorn barste in lachen uit, maar daar maakte hij Gimli mee wakker.

"Alles goed? Wat is er zo grappig?"

"Oh Gimli, Legolas vind het brood dat we kregen van de bakker niet lekker. Het noch tans elvenbrood."

"Hahaha, welke elf lust nu geen elvenbrood?"

"Ik dus." zei ik beledigd.

Ze barsten het uit van het lachen, waarschijnlijk had ik een raar gezicht getrokken ofzo. We ruimde de spullen op en gingen het bos in.

"Ehh, welke kant moeten we op?" Vroeg Gimli.

"Naar het westen." Antwoord ik rustig.

"Hoe weet jij dat zo zeker, meneertje de elf."

"Omdat ik het leger hoor."

"Stop nu eens, met jullie gekibbel!" Komt Aragorn tussen bijden, "Er zij beren in het bos." We liepen stil verder. Af en toe hoorde ik een geluid. Alles was hier zo onheilspellend dat ik mijn boog alvast pakte. Met mijn boog in de hand liep ik door. "Sta stil," beval ik, "hou je klaar. We krijgen gezelschap." Er springen tientalle beren uit de bosjes. We vechten alsof ons leven ervanaf hing. Ik begon al aardig moe te worden toen er ineens een pijl langs mijn hoofd suisde. De pijn plante zich diep in de kop van de beer. De onbekende schoot nog een paar keer naar de beren en de beren sloegen op de vlucht.

"Wat doen jullie hier in dit bos?" Zei een meisjes stem.

"Wij zij op doortocht, wij willen alleen een slaapplek voor de nacht." Liegt Aragorn.

Het meisje leek te twijfelen maar uiteindelijk zei ze dat we haar moesten volgen. We lopen langs hoge bomen en diepe dallen. Na een par minuten kwamen we aan een reusachtige boom. Waar een paar lianen voor hingen.

"Ga door de lianen, nu, snel!"

Toen we door de lianen liepen kwamen we aan een huisje.

"Welkom in het verborgen/verlaten huis. Kom maar binnen." Het huis was gewoon onder de wortels van de boom gebouwd, het was prachtig. Ze maakte een warme maaltijd klaar voor ons want ze zag dat we uitgehongerd waren. Toen we met zijn allen aan tafel zitten begint ze te praten: "Zo wie hebben we hier. Aragorn, zoon van Arathorn, Koning van Gondor. Gimli, zoon van Glowin, dwerg uit Moria en Erogorn. En Legolas, zoon van Thandruil, prins van de boselven, beter gezecht kroonprins." We waren allemaal overdonderd, 'ze kenden onze namen, hoe?'

"Geef me de echte reden waarom jullie hier zijn. Ik had wel door dat her een leugen was." Aragorn zuchtte en zei: "We zijn hier om de gijzelaarster van het leger te komen bevrijden."

"Met 3 man? Blijkbaar is ze toch niet zo onzichtbaar als ze dacht." "Ken je haar? Weet u waar ze is?" vroeg ik. "Ja, ik ken haar en ja ik weet waar ze is."

"Waar?""Recht voor je neus."

Het meisje deed haar mantel uit en we zagen het meisje wat 5 dagen geleden nog met een hertje op het gras aan het spreken was. Ze lachte lief.

"Hoe heet jij?" Vroeg Aragorn.

"Amira."

"Waar zijn je ouders Amira?"

The Red ArmyWaar verhalen tot leven komen. Ontdek het nu