7.

9 2 0
                                                  

De lucht in de gang was bedompt en vochtig. Ze passeerden een paar mensen met dezelfde bleke teint en Nido concludeerde dat het door het gebrek aan zonlicht moest komen en niet door hel en verdoemenis. Ze hadden geen hongerige blik in hun ogen, die een natuurlijke kleur hadden.
   Behoedzaam liep ze verder over de ongelijke rotsgrond. Het kostte haar moeite haar arm zo goed mogelijk te ondersteunen. Ze deed haar best de puntige wanden te vermijden terwijl ze bocht na bocht namen.
   Nido botste bijna tegen Rag op, toen hij stopte bij twee zware, eikenhouten deuren. Hij klopte hard op het uitbundig bewerkte hout. De uitgesneden afbeelding leek op een aantal ineengestrengelde lichamen. Bij de aanblik van hun wonden deinsde Nido verschrikt achteruit. Met opgetrokken wenkbrauwen keek ze opzij.
   'Maak je geen zorgen, gewoon een hulppost voor gewonden, net als bij jullie.'
   De woorden hadden haar gerust moeten stellen, maar net als bij jullie klonk onwerkelijk en ze huiverde. Ze deed haar best rustig te blijven ademhalen.
   Rag duwde een van de deuren met zijn lichaam open en gebaarde haar naar binnen te gaan. Waarschijnlijk opende hij alle deuren zo. 
   De zaal was net als de vorige ruimte, kil en muf. De wanden leken te glimmen in het zwakke licht van de zoemende lampen aan de wand. Er stonden een paar bedden, kasten en tafels met instrumenten, die Nido nog nooit eerder had gezien. Gezien de vorm en grootte, hoopte ze dat die niet nodig waren voor haar arm. De bedden stonden op een dieprode vlek op de vloer die grillig om het bed krulde. Vanuit ieder bed liepen dikke kabels naar de apparatuur aan de wand.    Het was een wirwar van meters glazen buizen met helder verlichte vloeistof en er waren koperen knoppen in verschillende maten. De schermen boven de bedden waren zwart, op een klein, wit streepje in de linkerbovenhoek na, dat knipperend wachtte op actie. Nido rook de steriele geur van vers verband en alcohol. Rag had gelijk, hoewel dit absoluut niet leek op de ziekenhuizen die zij kende.
   'Ga daar maar zitten.' Rag wees naar een stoel met een lage rugleuning die Nido meer deed denken aan een troon uit de middeleeuwen. Hij miste enkel de hoge, bewerkte achterkant.
   Ze legde haar arm dankbaar op de brede leuning en kreunde nog een keer toen ze haar rechterhand eronder vandaan trok.
  Rag nam haar aandachtig op.
   'Wat?'
   Hij haalde zijn schouders op en liep naar een grote, glazen kast die in het midden van de kamer tussen twee bedden stond. 'Ik had niet gedacht dat je... Nou, dat je... Zo stoer zou zijn.' Zijn lippen gleden in een zuinige glimlach.
   Nido was met stomheid geslagen. Niemand had haar ooit eerder in haar leven stoer genoemd.
   Hij opende het rechterdeurtje van de kast en bestudeerde een voor een de etiketten op de flesjes zonder haar verder aan te kijken. 'Ik ben Rag.'
   'Nido. Geen Ragger?'
   Zijn linkerwenkbrauw krulde verrast omhoog toen zijn ogen de hare ontmoette. 'Gewoon Rag.'
   'Waar ben ik?'
   Hij zette een groen flesje met een te grote kurk zorgvuldig terug, langzamer dan nodig was. Ze kon nog net zien hoe hij een okergeel flesje met zijn andere hand in zijn broekzak liet glijden. 'Je bent in het controlecentrum van de Orde van de Poortwachters, SCD.'
   'SC wat?'
   'Stonehenge Control Division.'
   Nido lachte wrang. 'Dat maakt alles duidelijk.'
   Hij liep naar de andere kant van de zaal en toetste een code in op een scherm, waardoor de ruimte beter verlicht werd en het zoemen ophield. Haar oren voelden dof en zwaar toen ze gonsden in de stilte. In het heldere licht zag zijn atletische lichaam er nog gespierder uit. De schaduwen accentueerden zijn vormen. Zijn blonde haren met donkere strepen in combinatie met zijn zongebruinde huid deden zijn groenblauwe ogen feller oplichten.
   'Hier worden alle poorten in Europa en het Midden-Oosten bewaakt en vanaf hier worden de poortwachters aangestuurd.'
   Ze keek hem smalend aan. 'Nog steeds geen belletjes.'
   Hij nam een houten kruk die langs de kant stond en zette hem voor haar neer. Met een gemak haasje-overde hij en plofte neer. Hij boog iets naar voren en liet zijn onderarmen op zijn bovenbenen rusten. Zijn blik was onbewogen.
   Nido voelde de spanning weer stijgen nu de ruimte tussen hen kleiner werd. Ze schoof ongemakkelijk heen en weer. Ze wilde weg.
   'Dat kan ook niet, want onbelangrijke mensen hebben nog nooit van ons gehoord.'
    Nido fronste. Ze was onbelangrijk in zijn ogen. Hij had ze niet allemaal op een rijtje of ze was bij een of andere geheime afdeling van Interpol terechtgekomen. Jammer. Knappe jongens waren altijd bezet, homo of knettergek. 'Interpol, CIA?' pro-beerde ze half lachend.
   'Geen van beide. In de wereld staan allerlei poorten, bij-voorbeeld Stonehenge,' hij wees naar boven, 'de Boog van Constantijn in Rome, Poort van Isjtar, St. Louis, Arc de Triomphe in Parijs, Auschwitz...'
   'Auschwitz?' vroeg Nido verbaasd.
   Hij knikte. 'Arbeit macht frei.' Zijn hand volgde de denk-beeldige woorden. 'En er worden nog steeds nieuwe poorten bijgebouwd, zoals laatst de Victory Arch in Irak.'
   'Ik weet niet wat poorten...'
   'Iedere poort leidt naar een andere dimensie...'
   'Dimensie?'
   'Een andere wereld, werkelijkheid, hoe je het noemen wilt.'
   'Zoals in fantasieboeken?' Nido keek hem smalend aan.
   Hij haalde zijn schouders op. 'Jullie noemen het fantasie.'
   'Met jullie bedoel je mensen?'
   'Ja.'
   Ze keek hem blanco aan. Knettergek dus, jammer. 'En jij bent dat niet?'
   'Nee, ja... Laat me nou even mijn verhaal afmaken.'
   'Sorry.' Ze probeerde te gaan verzitten en vloekte toen de pijn aanzwol. 'Shit-arm.' Ze hief verontschuldigend haar rechterhand op. 'Nog een keer sorry. Ik vloek anders nooit.' Ze lachte verlegen. 'Hardop.'
   Hij haalde zijn schouders op. 'Whatever. Er komt zo iemand aan.'
   'Wacht even, wil ik dit weten?'
   'Wat bedoel je? Je vraagt me net...'
   'Als ik alles weet, moet je me dan niet vermoorden?' Ze lachte naar hem, maar haar trillende onderlip verraadde de angst die achter de spot verscholen zat. Misschien ging hij haar vermoorden. Dat zou pas echt gestoord zijn.
   'Vermoorden? Waar heb je het over?'
   'Nou, gewoon. In films...'
   'Wij, de Orde van de Poortwachters,' hij schraapte zijn keel en ze kon zien dat hij een lach onderdrukte, 'bewaken de poor-ten sinds de tijd dat ze ontdekt zijn.'
   'Ik weet echt niet waar je heen wilt...'
   'Praat er dan ook niet steeds tussendoor!' Hij perste zijn lippen op elkaar en hief verontschuldigend zijn hand op. 'Sorry. Ik probeer je... Ik moet je dit vertellen.'
   'Ik denk dat ik liever naar huis wil.' Ze wist dat ze hem irriteerde met haar woorden. Het was een automatisme geworden direct te antwoorden als ze zich onveilig voelde. Haar tegen-stander verlammen met woorden, net zoals een slang dat met gif deed. Het was zinloos. Eerst moest haar arm behandeld worden. Daarna kon ze pas weg.
   Rag stond op, liep weer naar de kast met flesjes en bleef doelloos voor zich uit staren. Hij had zijn handen diep in zijn broekzakken gestoken. Ze kon zien dat hij zijn vuisten balde en weer ontspande, want de spieren op zijn bovenarmen verschenen en vervaagden, terwijl hij zwijgzaam voor zich uit staarde. De stilte was beklemmend. 
   Nido perste haar lippen op elkaar. Er was iets. Ze kon het zien zoals hij daar stond.
   'Ik moet je dit vertellen, voordat... 'Hij zweeg en keek haar aan.
   Nido dacht dat ze een zweem van angst in zijn stem hoorde, maar dat was onmogelijk, want een jongen die net koelbloedig een man vergruisd had, kon onmogelijk angst voelen. 
   'Soms opent er op aarde een tunnel naar een andere dimensie. Andere bestaan al eeuwen. Opent er een tunnel van de aarde naar een andere dimensie of ontdekken we er een, dan bouwt de Orde een poort, of eigenlijk, twee poorten. Eén aan de zijde van de dimensie en een aan onze zijde, de aardse poort ofwel ereboog en...'
   'Wacht even,' ze kon weinig opmaken uit de stroom woorden die onwerkelijk aandeden, 'we hebben het hier over dimensies? Bedoel je daarmee parallelle werelden?' Ze had het een en ander gelezen in de boeken van Steampunk Sep, die helemaal wild was van fantasie en sciencefiction en alles wat er mee te maken had. Hij ging naar ieder conventie of evenement in zijn zelfgemaakte Steampunk-kostuum. Hij zag er dan belachelijk uit, alsof hij half uit radars en metaal bestond. Half koper, half mens. Doordat ze hem had verdedigd toen hij gepest werd, was zij, als zijn zus, het volgende slachtoffer geworden. Hij zou watertanden als hij hier zou zitten.
   Rag knikte. 'Dat zei ik dus al.'
   'Het klinkt idioot.' Ze lachte even, maar Rag lachte niet met haar mee.
   'De poortwachters sluiten geopende dimensiepoorten en houden alles tegen wat naar onze wereld wil komen.'
   Nido staarde hem met opgetrokken wenkbrauwen aan. Wat bedoelde hij met alles? Waarom wilde hij haar dit vertellen, en belangrijker, wilde ze dit wel weten? Ze moest gewoon naar huis, weg van hier. Misschien was dit een sekte, geloofden ze in het einde der tijden, Apocalyps en meer van dat soort onzin. Misschien waren het druïde-achtige idioten die met volle maan naakt om stenen dansten. Liep het niet altijd slecht met je af, als je erachter kwam wie ze waren en wat hun geheimen waren?
   Nido schraapte haar keel en wilde gaan staan, maar Rag legde zijn hand op haar knie. Ze wilde zijn aanraking ontwijken, maar bedacht zich nog net dat ze dat beter niet kon doen. Ze moest haar arm stilhouden, of de vreselijke pijn kwam in alle hevigheid terug.
   'In mijn linkerzak zit mijn mobiel, zou jij...?'
   'Op aarde zitten onder of achter de belangrijkste poorten units, divisies of afdelingen, hoe je het ook noemt, met ieder een speciale taak...' ging hij verder alsof hij haar vraag niet gehoord had. 'Zoals hier in Stonehenge waar het controlecentrum onder zit dat de poorten bewaakt en de teams van poortwachters aanstuurt.'
   'De hoofdafdeling dus.' Nido knikte afwezig en probeerde met haar rechterhand nogmaals haar mobiel uit haar broekzak te halen. Ze wilde dat hij zijn mond hield en dat iemand haar hielp. Ze wilde naar huis of op zijn minst haar moeder bellen.
   'Nee, die zit in Rome. In St. Petersburg worden de wapens gemaakt, in St. Louis zit de IT-afdeling, in Berlijn het trainingscentrum... Iedere divisie heeft zijn eigen verantwoordelijkheid, snap je?'
   Ze knikte. Eigenlijk interesseerde het haar geen bal. Wat een onzin. Misschien was ze wel in zo'n lachprogramma terechtgekomen waarin ze mensen voor de gek hielden. Werd ze dadelijk hartelijk uitgelachen door de presentator en plaste ze in haar broek van het lachen. Misschien was het een streek van Goos. Typisch iets voor hem. Ze keek de ruimte rond. Er waren genoeg plaatsen om de camera's te verstoppen. Haar arm was geen grap. Ze hadden moeten stoppen toen dat misging.
   'Zijn mijn ouders al ingelicht? Ik zou ze graag even willen bellen.' De ruimte leek steeds warmer te worden en de zuur-stof schaarser. Een onbehaaglijk gevoel overviel haar als de schaduw van een naderende onweersbui. Dit voelde niet goed.


De Orde van de Poortwachters {YA Urban Fantasy}Waar verhalen leven. Ontdek nu