Ik sta op uit mijn bed en pak mijn telefoon met trillende handen.

Helemaal geen appjes niks.

Hij is me gewoon vergeten.

De telefoon gaat een paar keer over; ''Heey schatje''

''Schatje?! Schatje?! Waar was je al die tijd toen ik je nodig had? Je hebt me nooit gebeld! NOOIT!'' schreeuw ik huilend.

Yassir klopt op de deur; ''Sarah?''

Shit.

''Ey rustig? Weet wel tegen wie je praat he, Ik was ook bezig ik heb nu genoeg geld bij elkaar om een dagje of twee gezellig met ze 2e weg te gaan'' zegt hij trots.

''Ik hoef je niet meer, ik ga nergens heen met jou. Nergens'' zeg ik zachtjes huilend en hang op.

Yassir begint harder op de deur te kloppen.

Mijn hart is gebroken in duizend stukjes.

''WIE IS DAT SARAH?!''

''Laat me met rust'' zeg ik zachtjes.

Hij hoort me toch niet.

Alleen ik hoor mezelf.

''Yassir, laat me alsjeblieft met rust'' zeg ik harder.

Ken je dat.

Dat je eindelijk iets leuks hebt meegemaakt.

Een nieuw deel in je leven.

Een nieuw hoofdstuk.

Alsof je bovenaan een berg staat en je iedereen aankijkt met je geluk.

Maar dan stort de berg in, en moet je helemaal opnieuw beginnen.

Je moet weer je geluk beginnen te vinden, de weg ben je kwijt.

Maar je hebt geen zin, je hebt gestreden voor die weg.

En nu ben je hem kwijt, je blijft onderaan de berg staan en je komt niet vooruit.

Je zoekt een andere weg.. Alleen is het niet de weg die je zoekt.

Het is de weg die donker is, geen licht geen uitgang.

Alleen een donkere tunnel.

Ik word langzaam wakker van de zon die recht in mijn ogen schijnt.

De zon doet pijn in mijn ogen.

Ik sta op en bekijk mezelf in de spiegel.

''Wat doe jij hier nog?'' zegt een gedachte in mijn hoofd.

''Je bent niks waard man, mensen doen je alleen maar pijn''

Ik loop naar mijn kast toe en trek er een donkerblauw strak jurkje uit die tot iets boven mijn enkels komt.

Ik trek mijn Canada Goose jas erover heen en trek mijn zwart/witte adidasjes aan.

Een laag foundation en draai mijn haar in een staart.

Ik draai mijn deur open en loop naar de kamer van Yassir.

Zijn deur is dicht.

Ik klop zachtjes op de deur.

''Ik meld me ziek'' hoor ik hem zeggen.

''Doe de deur open''

''Ga opkankeren van mij man''

Ik hoor wat vallen.

''Yassir?''

''Ben je doof?!'' schreeuwt hij.

''Alsjeblieft, ik wil met je praten''

Ik moet hem vertellen over de bedreiging.

''Doe maar via de deur''

''Kinderachtig man'' zeg ik zachtjes.

''Kinderachtig? Ewa nu mag je helemaal opkankeren''

''Ik werd gebeld door een man of een jongen, hij zei dat ik geld kon verdienen voor jou uit 2 manieren. Of ik laat mannen voor mij werken of ik werk voor mannen'' zeg ik en klopt op de deur.

''WAT?!'' Ik hoor alweer iets vallen.

''WIE ZEI DAT? IK BREEK ZIJN KANKER TANDEN''

De deur gaat open en Yassir kijkt me vol woede aan.

Hij pakt me bij mijn nek en duwt me tegen de muur.

''WIE WAS DAT?!!!''

''Yassir alsjeblieft, ik weet het niet..'' zeg ik zachtjes.

Ik probeer mijn tranen in te houden.

''WIE WAAAAS DAAAAT!'' schreeuwt hij harder.

Hij komt dichterbij met zijn gezicht en kijkt me recht in mijn ogen aan.

''Als er meer is gebeurd en je hebt me niks verteld maak ik je af'' fluistert hij.

Ik ruik alweer die vreselijke lucht.

Die lucht waarmee alles begonnen is.

''Er is niks gebeurd'' zeg ik zachtjes.

''Hoe komt hij aan je nummer'' zijn ogen vertellen alles.

Wat hij in zijn hart voelt stralen zijn ogen uit.

Pijn, veraad, haat, verdriet, verslagen...

''Ik werd onbekend gebeld'' zeg ik zachtjes en haal zijn hand weg bij mijn nek.

''Sorry man'' zegt hij en loopt snel terug naar zijn kamer.

Ik hoor hem keihard tegen de deur vallen.

Ik veeg mijn tranen weg en loop naar beneden.

Het is geen goed idee om naar school te gaan, ik weet het zeker.

Ik pak mijn tas en loop de deur uit.

Op de scooter van Yassir doe ik mijn oordopjes in mijn oren.

''Lijpe - Geef ze niks''

''Je leven kan veranderen in 1 seconde, juich niet te vroeg je kan verliezen in de 2e ronden. Dus om zomaar te stoppen is een beetje zonde. Sta in me eentje sterk en ga in me eentje onder''

Ik parkeer de scooter en stap uit.

Alle ogen aan automatish naar mij, iedereen bekijkt me van top tot teen.

Ze fluisteren met elkaar.

Ja ik ben het.

Ik ben het zusje van Yassir.

Als eerst loop ik naar mijn kluisje toe met een gebogen hoofd.

Ik durf niemand aan te kijken.

Schaamte.

Ik zie Inaya met tranen in haar ogen mijn kant op kijken.

''Sarah..?''

Haar stem trilt.

Haar ogen zijn ook rood en ze draagt een trainingspak van PSG.

''Ik heb geen zin Inaya wollah, sorry. Ik kan niet de vriendin voor je zijn... Ik heb echt heel veel aan mijn hoofd'' fluister ik zachtjes.

Ik kijk haar met tranen in mijn ogen aan.

''Charafeddine ligt in het ziekenhuis met een lichte hersenschudding en een gebroken arm..''

Onvergetelijke pijnWhere stories live. Discover now