I

42 5 4
                                        


Hij hoefde het eindeloze aantal streepjes op de muur niet te tellen, hij hoefde het de wachter niet meer te vragen, moest er niet eens meer over nadenken. Hij wist precies hoelang hij al in deze kleine muffe troosteloze cel zat, 5 jaar. 1 826 dagen om precies te zijn, was het geleden dat zijn huis, zijn dorp, zijn land was overvallen. Zo lang geleden was het dat hij alles was verloren. 5 jaar was gepasseerd en hij wist nog precies hoe zijn ouders, jongere zus en oudere broer gevijld werden op de slavenmarkt. Hoe ze een voor een door een andere eigenaar werden opgeëist en hoe hij uiteindelijk geclaimd werd door de jongere broer van de troonopvolgster van Dorinthe. En zonder enige uitleg was hij in de kerkers gegooid. Elke dag kwam de jonge prins kijken. Hij keek altijd nieuwsgierig toe terwijl hij dacht dat Raes sliep, maar elke nacht lag hij opgekruld en klaarwakker onder een schamel deken. Deze nacht was geen uitzondering. Hij hoorde de dure, zwart ledere laarzen al op de grond klikken voor het fakkellicht door de gang flakkerde. Raes hoorde hoe de prins en de schildwacht voor zijn tralies bleven staan. Maar waar Raes nu verwachte dat er stilte zou heersen, begon de prins te spreken "Ik wil met hem spreken." hij voelde de vragende blik van de wachter tussen de prins en de "slapende" gevangene gaan. "Caff? Zou je zo vriendelijk willen zijn?" de prins gebaarde naar de tralies, nog geen tel later klonk de doffe klik van een verroest slot, de prins wandelde binnen in zijn cel maar bleef op veilige afstand. Raes had enkele milliseconden te laat door dat dit het moment was om in actie te schieten. Snel en behendig maakte hij een draaiende beweging, sprong op en wierp de prins zijn vuist toe. Maar de jonge was snel en ontweek de slag op een haar na. Raes maakte zich klaar om nog eens uit te halen maar hij was te laat. De wachter had hem al vast, hij kon geen kant meer op. "Bedankt Caf." knikte de prins. Hij wende zich weer tot Raes. "Nog zo'n beweging en je hangt." Raes ontspande zich, de wachter zag dit als een teken van overgave en liet los. Hij moest de drang onderdrukken niet opnieuw uit te halen. In plaats daarvan deinsde hij terug zodat hij zijn rug tegen de klamme muur kon drukken, zo creëerde hij een veilige afstand tussen de verwende jongen en zichzelf. De prins bleef kalm staan waar hij stond. De wachter daarentegen stond vlak naast hem met een doordringende blik op Raes gericht, klaar om aan te vallen. Die blik werd vakkundig genegeerd door beide jongeren. "Raes, er is een reden dat ik je hier 5 jaar geleden heen heb gehaald, en ik zal het je allemaal uitleggen onder betere omstandigheden." hij gaf Raes niet eens de kans om te reageren maar ging meteen verder. "Dus nu ga je mee met Caf naar je nieuwe onderkomen, Daar kan je je opfrissen en iets deftiger aan doen. Bij zonsondergang verwacht ik jullie bij de klokkentoren." na deze woorden verliet de prins hooghartig het vertrek. Het bleef stil, het enige geluid kwam van de zware ademhaling van de wachter. Die stilte gebruikte Raes om te beslissen wat hij zou doen. Maar veel tijd had hij daar niet voor nodig, hij was nieuwsgierig naar wat de prins te zeggen had maar ongewild voelde hij een sterke woede opkomen in zijn borst, waar die woede vandaan kwam wist hij niet maar hij was er. Hij was er en hij begeleide hem het maakte de keuze voor hem, er verscheen een lichtrode waas voor zijn ogen die hij snel weg knipperde. Geduldig wachtte hij tot Caf hem gebaarde mee te wandelen. En toen dat gebeurde schoot hij weg, onderweg haalde hij de benen van de man onderuit. Die smakte met een klap tegen de grond en bleef daar liggen. Raes controleerde zijn hardslag en besloot dat hij gewoon bewusteloos was. Hij dacht even na en herinnerde zicht meteen weer de weg die hij 5 jaar geleden had afgelegd naar de kerkers. Dus begon hij te wandelen, te lopen tot hij boven aankwam, hij herinnerde zich de binnenplaats als de dag van gisteren. In de rechterhoek naast de poort stond de galg, in de schaduwen en uit het zicht, maar overduidelijk voor zij die hun lot daar zouden ontmoeten. Voor de rest was het plein kleurrijk, met een adembenemende band die de hele bovenste verdieping van het kasteel bedekte met de print van witgouden lijnen en hoeken. Er stond een enkele boom in de linkerhoek, en verschillende rijkversierde deuren met hetzelfde gouden patroon als de band aan het eerste verdiep, deze leidde tot verschillende locaties in het buitenverblijf van de prins en zijn zuster. Dus hij drukte zich met zijn rug tegen de deur en overdacht zijn plan. Hij wist meteen uit te vogelen waar de fouten in de verdediging zaten dus die zou hij gebruiken om tot bij de boom te komen daar zou hij zich verstoppen tot de schemer zou vallen, dan zou de wacht net vervangen moeten worden en die paar seconden kon hij gebruiken om aan de overkant van de muur te komen en zich te verstoppen tussen de kantelen. Met dit plan in zijn hoofd liep hij verder.


Erg bedankt voor het lezen, ik hoop dat je ervan genoten hebt en verder wilt gaan :)

rood bloed rode ogenTahanan ng mga kuwento. Tumuklas ngayon