Proloog

18 1 0
                                        


Gillend van plezier trapte ik hard op de rem waardoor mijn auto met piepende banden tot stilstand kwam. Ik had gewonnen! Oh mijn god, ik had gewonnen... Snel draaide ik mijn auto en reed terug naar de pit. Mijn broer Ashton kwam aanrennen en sprong op de motorkap van mijn auto. 'Kenz, ben je gek geworden? Je blaast zo je motor op! Jouw auto is nog niet helemaal klaar voor dit soort races en zeker niet tegen dat soort auto's'. Ik keek hem verveeld aan en rolde met mijn ogen. 'Jezus wind je niet zo op. Hij heeft het overleefd, ik heb het overleefd én ik heb gewonnen!' zei ik terwijl ik gauw een blik wierp op mijn tegenstander. Connor Blooming, een hele knappe jongen, stapte toevallig net uit zijn knalgroene splinternieuwe Camaro. Hij zocht naar mijn auto en toen hij me vond keek hij me vuil aan. Ik stak mijn middelvinger naar hem op en stak mijn tong uit. Connor keek even verward en barste toen in lachen uit. Hij liep naar zijn vrienden en verdween uit het zicht. Terwijl ik Connor nakeek, zag ik vanuit mijn ooghoeken iets zwarts voorbij vliegen. Ik keek in mijn achteruitkijkspiegel en zag nog net de kont van een matzwarte Dodge Charger die met hoge snelheid van het circuit afscheurde. Die auto is een Koning, dacht ik. Ashton trok mijn deur open en sleurde me uit mijn auto. 'Kenzie, je fans staan te wachten op je', zei hij. Tony, de eigenaar van het circuit stond ook al klaar om mij mijn welverdiende racegeld te geven. 'Je bent me er een Kenzie, geen angst voor niks of niemand. Ooit kom je de verkeerde tegen meisje', zei hij. Ik keek hem aan en zei; 'Neuh, als die verkeerde mij tegenkomt, is dat wanneer hij in de verte mijn achterlichten ziet'. Ik nam mijn geld aan en draaide me om. Tijd om mijn overwinning te vieren!



Ride alongStories to obsess over. Discover now