Het is zaterdagochtend, een uur of 10 en zoals elke dag staar ik uit het raam. de verpleging heeft zoals elke ochtend weer een poging gedaan me samen met de andere bewoners van het tehuis in de zaal te laten eten, maar zoals altijd was mijn antwoord "nee, ik eet hier, alleen." Vroeger at ik wel in de zaal met alle andere bewoners, maar sinds de dood van Harry staat mijn hoofd er niet meer naar. Ik mis hem nog steeds elke dag, ook al is het nu inmiddels alweer 3 jaar geleden dat hij is overleden. 54 jaar geleden deelden we samen lief een leed. Kinderen hebben we nooit gehad en daar had Harry alle begrip voor. Harry wel, maar anderen niet, dit heeft me altijd veel pijn gedaan.
Het is 5 mei 1945, iedereen staat vrolijk en opgelaten op straat te juichen. Nederland is eindelijk bevrijd na 5 vreselijke jaren waar nooit een eind aan leek te komen. Deze dag trek ik mijn zondagse kledij aan en boen mijn schoenen extra schoon tot ze zo blinken dat ik mijn eigen spiegelbeeld erin kan zien. De achterdeur vliegt open en mijn vriendin Julia komt opgelaten mijn kamer binnen rennen. "Ze komen! Ze komen! De bevrijders, ze zijn er bijna!" Roept ze blij. "Schiet op Francisca! We moeten naar buiten!" Ik gris mijn vestje van de kapstok. "Doei moeder, tot vanavond!" Roep ik en ren achter Julia aan naar buiten waar al een hele stoer mensen staat te wachten tot de bevrijders de straat door komen rijden. We wringen ons door de grote menigte zodat we vooraan staan. De bevrijders kunnen elk moment komen. Ik voel de grond trillen en zie grote tanks en jeeps aankomen en mijn maag begint te kriebelen. Iedereen juicht en waait en alle huizen hebben de vlag uithangen. Een voor een rijden de grote voertuigen voorbij met soldaten erop. Allemaal kijken ze even trots en zwaaien naar ons, sommige gooien zelfs chocoladerepen naar ons.
Als de laatste tank voorbij is gereden gaat iedereen naar het feest in de lokale kroeg. Iedereen is er en danst alsof hun leven er van af hangt. De glazen bier vliegen over de bar alsof geld niks meer waar is. Ook ik drink en dans gezellig mee. Normaal drink ik nooit, vaar voor deze ene keer wel. Doordat het zo lang geleden is voel ik de alcohol zijn werk doen en begin minder na te denken. Na een tijdje merk ik dat ik al flink aangeschoten begin te worden. Julia ben ik ondertussen kwijtgeraakt, dus ik ga naar haar opzoek. Na een paar minuten zoeken ie ik haar met een van de Amerikaanse soldaten dansen. Ik grijns en besluit richting de bar te gaan. Dan bots ik tegen iemand aan. Ik kijk op en zie dat het een van de Amerikaanse soldaten is. Hij lacht naar me en trekt me aan mijn arm mee naar buiten, de koude nacht in. Was ik die avond maar nooit met hem mee gegaan.
Er word op mijn deur geklopt en ik sta op uit mijn luie stoel om hem open te maken. Voor de deur staat Miranda, een van de verpleegsters. "Ik heb post voor je." Ik kijk haar verbaasd aan. De enige post die ik normaal ontvang is van de belastingdienst. "Dankjewel, Miranda." Ze glimlacht vriendelijk naar me en overhandigt me de envelop. Ik neem hem van haar aan en sluit de deur weer. Ik loop terug naar de woonkamer en laat me weer terug in mijn stoel vallen om vervolgens met trillende vingers de envelop te openen. Ik haal er een geelachtig vel papier uit en vouw het o snel ik kan open. Ik strijk het glad zodat de vouwen er grotendeels uit zijn en bekijk het handschrift dat me niet bekend voorkomt. Hij is dus van een vreemdeling. Ik haal een keer diep adem en begin dan met lezen.
Beste Francisca de Will,
Mijn naam is Louise de Jong en ik ben geboren op 19 januari 1946. Ik woon al mijn hele leven in Scheveningen en heb hier sinds een paar jaar nu ook mijn eigen gezinnetje. Mijn man, Aarend, mijn zoontje van 6, dirk en mijn dochtertje van 3, Anna. Ook hebben we een hond, Stip, een dalmatiër. Ik werk als een lerares op de basisschool in een klein dorpje vlak bij Scheveningen en mijn man is schipper. Laatst kreeg ik van mijn ouders een telefoontje waarin ze vroegen of ik misschien even lang kon komen omdat ze iets belangrijks hadden gevonden waarvan ze dachten dat het belangrijk was dat ik het zou weten. Ik ben naar ze toe gegaan en kreeg daar te horen dat ik ben geadopteerd. Het zijn dus niet mijn biologische ouders. Ik ben vrijwel meteen gaan onderzoeken wie mijn biologische ouders zouden kunnen zijn, wat toch knap lastig is als je vlak na de oorlog bent geboren. Helaas heeft mijn biologische moeder mij anoniem ter adoptie gesteld. Dit was omdat ze zich schaamde, ze schaamde zich ervoor dat ze haar kind af moest staan omdat ze het niet zelf kon onderhouden, en haar ouders het niet toestonden om op ze een jonge leeftijd al een kind te krijgen. Na heel wat onderzoeken en rondvragen kwam ik uit op uw naam, Francisca de Wit. Ik hoop dat ik u niet al te erg overval met dit nieuws en zou graag een keer willen afspreken, zodat ik u eens in het echt zou kunnen zien, en ijn biologische moeder zou kunnen leren kennen en bovendien, dat mijn kinderen hun echte oma zouden leren kennen.
Graag zou ik spoedig iets van u horen,
Met vriendelijke groet,
Louise de Jong
Ik vouw het papier dubbel en leg het naast me neer op het bijzet tafeltje. Een eenzame traan rolt over mijn wang n wordt al snel gevolgd door meerdere. Het eerste wat ik denk is: was ik die avond maar nooit met hem mee gegaan.
KAMU SEDANG MEMBACA
Onverwachte brief
Cerita PendekFrancisca de Will wordt op een doodnormale dag overvallen met een onverwachte brief die ze van een van haar verzorgsters krijgt. Flashbacks van jaren geleden komen omhoog, net zoals verkeerde keuzes die ze in haar jongere jaren heeft gemaakt.
