Hoofdstuk I

27 2 3
                                        

"Hé Jonas wacht eens even!" Ik begin te remmen en kijk om mee hen, maar zie niemand. Wie was dat nu weer vraag ik mezelf af. "Bedankt om te wachten, hoe gaat het ermee?" bruusk draai ik me om en zie ik Lauren staan. Beeldschoon als altijd kijkt ze me aan met haar azuurblauwe ogen, haar haren worden omlijst door de gouden lichtstralen van de vroege ochtendzon. Als je niet beter wist zou je denken dat ze een engel is. "Um, Jonas?" "Oh! Sorry, ik was even aan het dagdromen, met mij is alles prima hoor enkel spijtig dat school zo meteen weer van start gaat." "Ik ken het gevoel makker, heb je woensdag al iets te doen?" "Nu wel! Heb je zin om wat rond te hangen op de markt en een koffietje of een biertje te drinken?" "Ja dat klinkt perfect voor mij! Ik moet nu echt wel naar school gaan." "Ja, ik ga ook eens doorrijden, wacht je vanavond aan de schoolpoort op me? Je weet dat ik langer les heb dan jou vanavond." "dat is goed voor mij! Tot straks!" Ik probeer een glimp op te vangen van de klok die aan de kerktoren hangt, gefrustreerd roep ik uit: "Verdomme het is al 20 over 8, school begint binnen 5 minuten." Ik hop op m'n fiets en rijd naar de schoolpoort. "Ik zal m'n fiets hier wel al ergens zetten. Alsof ik achterna gezeten word door een seriemoordenaar, loop ik de fietsenstalling uit en haast ik me naar de klaslokalen. Wanneer ik me op zo'n 50 meter van het gebouw bevindt, voel ik een getril vanuit m'n broekzak komen. Al lopend haal ik mijn gsm tevoorschijn en zie ik staan:

Lauren: Ik ben echt laat op school! Jij?

Ik gluur naar het klokje dat bovenaan mijn gsm staat en zie dat ik al 10 minuten over tijd ben. Vlug typ ik een berichtje terug waarin staat dat ik ook te laat ben. Naar het secretariaat dan maar zeker? Met lange stappen ga ik naar de deur van het secretariaat en klop ik zachtjes op het gezandstraalde glas van de deur. 'Kom maar binnen, met wat kan ik je helpen jongeman?' vraagt ze met een lieflijke stem aan me. 'Het spijt me mevrouw, maar ik ben te laat toegekomen op school omdat ik werd opgehouden onderweg.' 'als je je agenda aan me geeft, mag je je in stilte naar je klaslokaal begeven.' Zegt ze al heel wat minder vriendelijk tegen me. Op naar het wiskundelokaal dan maar zeker? Me afvragend hoe ik me moet verontschuldigen bij m'n leerkracht, hoor ik opeens het gefluister, van een lage melodieuze stem. Dat zal waarschijnlijk weeral m'n fantasie zijn die me teveel word, denk ik bij mezelf. Ik klop tweemaal zachtjes op de deur en hoor meteen: 'Kom maar binnen.' 'Sorry dat ik te laat ben meneer.', antwoord ik snel terug. Oké, denk ik bij mezelf, nu moet ik gewoon nog een hele dag alert proberen zijn. Minuten lijken uren, uren schijnen dagen te zijn, maar nu is gelukkig de dag toch voorbij. Aan de schoolpoort zie ik al meteen Lauren naar me zwaaien. Een glimlach verschijnt op m'n gezicht. 'Hé kanjer, hoe ging je dag?' vraagt ze aan me wanneer ik voor haar sta. 'Hoe denk je? Ik heb me bijna dood verveeld.' 'Heb je zin om naar het bos te gaan, om wat te lezen of leren of schrijven?' 'Natuurlijk.' Onderweg naar het bos, is het alsof iemand met spelden in m'n hoofd steekt, alsmaar sneller en harder. 'Jonas, wat is er?' vraagt Lauren een beetje bang voor het antwoord. 'Niks hoor, ik heb een beetje hoofdpijn, dat is alles.' 'Oké, wil je even stoppen of...?' 'Lukt wel hoor.'. Eenmaal in het bos haast ik me naar ons plekje naast naast een grachtje, tussen de bomen en struiken. 'Hé Lauren, ik heb wel zin om wat te schrijven, is dat goed voor jou?' 'Ja! Natuurlijk! Ik hou ervan om je te zien schrijven.' Ik dacht terug aan de goede oude tijd, enkele jaren geleden. Dit is ons "ding" we gaan naar het bos en we lezen of schrijven wat. 'oké oké want vind je van dit?'

Gras groen en droog,

je halmen waaien op een wind,

die wij niet kunnen voelen.

Gras groen en droog,

waai mee op dat briesje,

en keer nooit meer weer.

'Prachtig! Schrijf het maar snel op!' Door te schrijven voel ik dat de steken in m'n hoofd minderen, door te schrijven voelt het aan alsof iemand m'n lichaamswarmte aan het laten verminderen is, alsof ik fysiek en mentaal leeggezogen word. Toch weet ik, voél ik dat het wel terug komt. 'Uh jonas? Het begint echt hard te waaien!' ' 'k denk dat het gaat onweren, kijk daar zijn allemaal zwarte wolken.' Alsof dat een signaal is gaan de hemelsluizen plotseling open, de regen stort met emmers tegelijk naar beneden. 'Kijk! Daar is een dakje! Kom Lauren!' Ik draai me om naar m'n vriendin en zie dat ze met haar voeten vastzit in de modder. Vluchtig kijk ik om me heen en ... Daar! Daar is de perfecte tak! 'Jonas niet doen, daar staat gifsumak. Raad eens? Het is giftig!' Ik stop m'n inmiddels zeiknatte jeans in m'n schoenen, trek aan mijn mouwen tot ze zelfs mijn handen bedekken. Alsof m'n leven ervan afhangt, loop ik door alle plantjes naar de reusachtige tak. 'Oké Lauren, Houd je hieraan vast. Je kan het!' Langzaam sleep ik haar verder tot ze op een wat droger stukje ligt. 'Kom we gaan schuilen!' Roepen we in koor. Als 2 halvegaren lopen we naar het afdakje. 'Gaat het?' Vraag ik haar bezorgd. 'Ja hoor, maak jij je maar zorgen om jezelf, en je mooie bruine haartjes.' 'Oh! Nee! Lang leve regen zeker?' Minutenlang staren we naar het neervallende water en het bos dat in de ban van de regen geraakt, tot het plotseling over is. 'Hé, Jonas? Gaan we naar mijn thuis? Ik moet me echt dringend omkleden.' Samen lopen we in stilte naar Lauren haar thuis. 'Vind je het goed als ik snel een badje neem?' vraagt Lauren vriendelijk aan me. 'Ja doe maar, mag ik me ook even snel douchen in je broer zijn badkamer?' 'Doe je ding maat!' Ik kleed me snel uit als ik in de badkamer toegekomen ben en huiver wanneer ik nogmaals zie hoe de kanker mijn lichaam heeft toegetakeld. Littekenweefsel ontsiert mijn buik en borst. De eerste keer is nu al 2 jaar geleden, sinds dan leef ik met mijn gedachten niet langer in het heden, maar in het duistere verleden. Je blijft leven met de angst, dat je op een dag weer ziek gaat zijn. M'n gedachten van me afschuddend stap ik in de, naar mijn normen, reusachtige inloopdouche. Eerst geniet ik van het warme water, dan begin ik wat zinnetjes in het natte glasraam te schrijven:

Druppeltje druppeltje lief,

neem al je vriendjes samen,

en vertrek als een dief,

dat mag je van mij beamen.

Als ik mijn laatste punt zet, zie ik dat alle druppeltjes op raam naar mijn rechterwijsvinger bewegen, de vinger waarmee ik geschreven heb. Vlug haal ik mijn vinger van het glas en staar ik gebiologeerd naar een bolletje water van ongeveer 4 centimeter doorsnede dat aan m'n vinger hangt, tot ik Lauren mijn naam hoor roepen. Ik sla gehaast een handdoek rond m'n middel en probeer te zoeken waar het geluid vandaan kwam. 'Wat is er?' roep ik naar haar. Dan zie ik haar liggen op de grond, ik neem snel een handdoek en ze neemt die gretig aan, terwijl ik haar overeind help 'Jonas? Van wat zijn deze littekens?' En vurig verlangen gaat door me heen als ze m'n onderbuik aanraakt met haar prachtige sneeuwwitte handen. Pas dan dringt het tot me door wat ze net vroeg, ik wend m'n hoofd weg van haar en zeg dat we beter kleren zouden aandoen. Wat moet ze nu wel niet van me vinden, nu ze me heeft gezien. Vraag ik mezelf af terwijl ik m'n inmiddels droge trui aandoe. 'Oké, wat wil je doen?' vraag ik snel aan Lauren zodat zij niks kan zeggen over de littekens. 'Um, eten? Ik heb honger als een paard. Ik gluur naar de klok die aan de muur hangt en zie dat het als half 7 's avonds is. 'He Lauren? Heb je zin om me te helpen met wiskunde? M'n leerkracht heeft ons weeral een pak oefeningen meegegeven.' Nadat Lauren een eitje met spek voor ons beiden heeft gebakken zie ik het al lang niet meer zitten. 'Ik snap helemaal niks van deze eigenschappen en constructies!' Roep ik gefrustreerd uit. Lauren komt naast me zitten in de sofa en legt het me allemaal nog een keertje uit. M'n oefeningen zijn klaar en we nestelen ons allebei dicht bij elkaar in de zetel met een dekentje boven ons. 'Wil je de Mazerunner nog eens zien?' vraagt Lauren aan me. 'ja, dat is goed voor mij.' Nu ik hier zo dicht bij haar zit, is het alsof onze geuren zich mengen met elkaar. Haar warme lavendelgeur met mijn fris zeeluchtje. Plotseling ontwaak ik uit m'n slaap, oh de film is gedaan. Lauren en ik zijn hier bij elkaar in slaap gevallen. Zachtjes maak ik haar wakker om te zeggen dat ik nu echt wel naar huis moet gaan. 'Tot later' zegt ze hees tegen me. Ik haast me naar huis en verontschuldig me bij mijn ma. 'Sorry dat ik later ben, we zijn in slaap gevallen voor de tv.' 'Geen probleem, slaapzacht' Mompelt m'n moeder me toe. Het maakt m'n ouders ook helemaal niks uit waar ik uithang en met wie. Ik stap naar m'n kapstokje en begin me uit te kleden. Net wanneer ik me heb uitgekleed tot op m'n onderbroek toe, om in m'n bedje te kruipen, hoor ik getik op m'n raam. 'Lauren! Wat doe je hier?' roep ik quasi verbaasd uit. 'Ik vond het te eenzaam thuis, dus ik dacht waarom niet bij Jonas gaan slapen? M'n ouders blijven toch weg tot zaterdag voor hun zakenreisje.' 'Oh oké, wees wel stil, is het goed als ik zo slaap?' vraag ik terwijl ik wijs naar m'n onderbroek. 'Ja hoor, kan ik me omkleden in je bureauruimte?' 'Doe maar ik ga onder het dons kruipen, slaapwel.'


You've reached the end of published parts.

⏰ Last updated: Feb 07, 2016 ⏰

Add this story to your Library to get notified about new parts!

Verlangen naar VerledenWhere stories live. Discover now