Hier loop ik dan.
Door een steegje, de kraag van mijn jas omhoog gevouwen, een dikke das om en geen schoenen aan. Ja, geen schoenen, ze zijn gestolen. Een man groter dan mij, had me neergeslagen en mijn schoenen gestolen. Met een gebroken neus, gekneusde rib en andere blauwe plekken liet hij me op de grond liggen en ging er van door met mijn schoenen.
Sneeuw begon te vallen en de kou kwam dichter om me heen, maar ik merkte het niet. Ik had een bepaalde ziekte waardoor mijn zenuwen het niet meer deden, een soort van Polyneuropathie, maar zonder de pijn, denk ik. Dus ik voelde geen kou, geen warmte en geen pijn, alleen als het inwendig letsel was, maar dat was het gelukkig niet.
Ik liep verder, liep over glas en merkte niet dat een scherf zich in mijn voetzool had geboord. Op je voeten zitten de meeste zenuwen, daarom zijn ze ook zo gevoelig. Een bloedspoor leidde mijn weg die ik had gelopen, ik was naar het park gegaan. Een houten bank stond tegen over een meertje waar eendjes over het ijs heen liepen dat nog niet zo dik was, een mens zal er zo door heen zijn gebroken. In mijn ooghoeken zag ik een man aan komen lopen.
Hij volgde mijn bloedspoor en riep soms wat. De man kwam langs me staan. "Are you bleeding?" vroeg hij, hij had een schots accent en keek me aandachtig aan. Ik schudde mijn hoofd "Are you sure" hij wees naar de grond en in de sneeuw zag je rode vlekken. Ik keek naar mijn voeten en zag inderdaad dat ik bloedde, ik pakte mijn voet en haalde het glas eruit. "You are injured, here" de man deed zijn das af, maar net op dat moment kwam er een windvlaag en de das werd uit zijn handen gerukt en verdween op het water van het meertje. De man rende achter zijn das aan maar bleef op de kant staan.
Ik weet niet waarom ik het deed, maar ik deed mijn jas uit, das af en rende op het water af, met een duik verbrak ik het dunne ijs en zwom naar de das toe. De man begon te schreeuwen "Are you insame! Hé! Come back!" maar ik luisterde niet en zwom totdat ik ongeveer 50 meter verder was en de man niet meer hoorde. Ik had de das te pakken en begon terug te zwemmen.
Ik keek op, maar de man was er niet meer. Mijn jas en das lagen er nog wel, ik deed ze snel aan en legde de das van de man over de armleuning en liep weg. Bijna aan het einde van het parkje hoorde ik een stem "Wait!" de eigenaar van de das rende naar me toe, hij hijgde uit en steunde op zijn knieën, kleine rookwolkjes kwamen uit zijn mond. Ik draaide me terug en liep weer verder "Wacht" hijgde hij "Why gave you mine scarf back? Why did you jumped in the water?!" riep hij, ik was al een stuk verder, ik draaide me om en haalde mijn schouders op.
De man stond nu recht op en hij was jonger dan hij eruit zag, hij had donkerbruine haren een beetje golvend en heldere blauwe ogen. Hij had een grijze lange jas aan en afgeknipte handschoentjes. "Waarom" antwoorde ik "Ow, je spreekt Nederlands, ik stelde je allerlei vragen, maar je gaf geen antwoord. Kom", hij strekte vriendelijk zijn hand uit en met een warme glimlach op zijn gezicht nodigde hij mij uit om samen naar zijn huis te gaan. Ik draaide me weer om en liep verder "Wacht nou, ik wil je helpen!" riep de jongeman en begon weer te rennen. "Waarom zou je mij willen helpen?! Waarom zou je een zwerver willen helpen!!" riep ik en strekte mijn armen uit, de man liep uit en hijgde weer "Omdat, omdat je mij aardig lijkt. Kom alsjeblieft, je gaat dood van de kou. Je bent net in het ijskoude water gesprongen voor mijn das, dan kan ik toch iets terug doen". Hij strekte zijn hand weer uit als uitnodiging.
Wat wilt die man van me? Waarom moet ik mee? Heeft hij nu een schuldgevoel? Moet hij iets goed maken? Waarom wilt hij me helpen?
YOU ARE READING
Mind Game
General FictionMind Game is een verhaal dat gaat over een vrouw die nergens woont. Op een dag spreek een man haar aan, deze man wilt haar graag helpen. Maar loopt het wel goed af? Dat is de vraag.
