David
Ik pak haar stevig vast en langzaam zie ik haar ogen sluiten. Het doet me zoveel pijn, om te zien hoe ze elke dag achteruit gaat. En ik kan niks doen. Enkel bij haar zijn. Maar dat is niet genoeg. Dat zorgt er niet voor dat ze gelijk beter wordt.
"Verdomme," vloek ik. Ik ben niet boos op haar. Nee, totaal niet. Boos op de ziekte. "Iemand! Help!" Schreeuw ik zo hard als ik kan. Na enkele seconden opent de opa van Luna de voordeur. "Allemachtig, wat is er gebeurd?" Vraagt de man angstig. Zijn lichaam trilt heel erg, valt me op. Maar daarna wendt ik snel mijn blik weer op Luna.
"Ze viel flauw? Ik heb geen idee, meneer." Zeg ik hopeloos. Niet wetend wat te zeggen of te handelen. De oude man knikt. Hij duwt me ineens aan de kant en neemt Luna in zijn armen. Hij loopt met haar naar binnen. En even schrok ik van zijn reactie, maar liep uiteindelijk snel naar binnen.
Eenmaal in de woonkamer zie ik haar liggen. Doodstil op de bank. "Wil je alsjeblieft even 112 bellen?" Vraagt hij aan mij. Ik schrik uit mijn gedachtes. Gedachtes, die ik liever niet wil dat ze uitkomen. Ik knik vlug en neem mijn mobiel in mijn hand.
*
"Zou ik alstublieft mee mogen? Mevrouw, ze is mijn vriendin." Zeg ik, als ze Luna in de ambulance leggen. De vrouw lijkt te twijfelen. Ze kijkt de opa van Luna aan. "Meneer, en u bent?" Vraagt ze, mijn vraag negerend. "Ik ben haar grootvader." Antwoord hij stilletjes. De vrouw knikt. Ze kijkt mij weer aan.
"Dan lijkt het me misschien beter als een echt familielid met haar mee mag." Ik slaak een zucht en haal mijn hand door mijn haar. Theo komt dichterbij staan en legt zijn hand op mijn schouder. Hij kijkt me kort aan, voordat hij zich richt op de verpleegster.
"Ik zou het erg waarderen als hij mee mag, dat is goed voor ons beide." Zegt hij met een serieuze toon in zijn stem. De vrouw kijkt even weg, maar knikt uiteindelijk. "Voorruit dan maar." En ze schenkt ons een glimlach en stapt de ambulance in.
Ik volg haar voorbeeld en stap ook in. Snel knik ik nog dankbaar naar Theo, die mij een bescheiden glimlach terug geeft. De deuren worden dicht gegooid en in stilte neem ik plaats naast Luna. En al vrij snel glijdt er een eenzame traan naar beneden, die al snel wordt gevolgd door meerdere.
*
Luna wordt uit de ambulance gehaald en nog steeds ligt ze doodstil. Ik stap vervolgens ook uit. Een onaangename rilling gaat door mijn lichaam. Ik sluit even mijn ogen en loop langs de kar waar Luna op ligt. Ik pak haar hand beet en knijp er zachtjes in. "Blijf bij me." Mompel ik zachtjes.
Na enkele meters stappen we het ziekenhuis binnen. We lopen door vele gangen en steeds meer doktoren voegen zich bij ons toe. Het duurt ook niet lang voordat iemand mij aan de kant duwt. Ik rol even mijn ogen, maar besef dan wel dat ze haar gaan helpen. Ze bedoelen het goed.
Dezelfde vrouw als van der net, tikt op mijn schouder. Ik draai me om en kijk haar vragend aan. "Wilt u alstublieft plaats nemen in de wachtkamer? Voor Luna wordt gezorgd, dat beloof ik." Ze schenkt me een glimlach, die ik eigenlijk bot beantwoord. Ik kijk haar nors aan.
"Ze heeft kanker." Floept eruit mijn mond. Verbijsterd kijkt ze me aan. "K-Kanker?" Vraagt ze stamelend. Ik frons mijn wenkbrauwen. "Ja, dat zeg ik toch." Ze zwijgt even. Ik wacht tot ze antwoord terug geeft, maar na een paar seconden geef ik het al op. Ik keer me om en been naar de wachtkamer. "Meneer?" Hoor ik vanachter me. Ik sta stil en draai me dan toch weer om. "Ik," begint ze, maar dan is ze weer stil. Zonder enige emotie kijk ik haar aan.
"Ik ga het melden en ervoor zorgen dat ze beter wordt en niet alleen ik, ook de andere doktoren." Zegt ze. Er staat geen glimlach op haar gezicht. Maar met serieuze blik kijkt ze me nog steeds aan. Ik denk even na. Uiteindelijk knik ik en zonder wat te zeggen keer ik me weer om en been ik ervandoor.
Ik neem plaats in de wachtkamer. Ik kijk rond en zie wat enkele mensen zitten. Uiteindelijk ga ik zitten en als ik eenmaal zitten, slaak ik een diepe zucht. Ik kijk naar mijn handen die lichtjes trillen. Ik sluit mijn ogen. Ik kan er niet meer tegen.
Luid geschreeuw galmt door de gang. Ik open mijn ogen en gelijk schiet mijn blik naar het kleine meisje die schreeuwt. Een paar tranen glijden over haar wang. Ze staat alleen in de gang en ik zie niemand in de buurt van het meisje. Die overigens dezelfde blonde haren als Luna heeft.
Ik kijk even om mij heen, maar niemand schenkt aandacht aan het meisje. Ik sta uiteindelijk op en been langzaam naar het meisje toe. Ik wil haar niet laten schrikken en niet als een enge vent overkomen.
Ik hurk voor haar neer en kijk haar zo aardig mogelijk aan. Ze vangt mijn blik op en kijkt me angstig aan. "Hey, kan ik er misschien voor zorgen dat die traantjes van jou stoppen en er een mooie lach van maken?" Vraag ik haar op een zachte toon. Ze kijkt me zwijgend aan. "Ik mis mijn mama." Zegt ze na ongeveer een halve minuut.
"En waar is jou mama?" Vraag ik met een glimlach. Een traan glijdt van haar ooghoek omlaag. "Bij een doktor." Antwoord ze. Ik knik. "En is er niet iemand anders die je kent?" Vraag ik, terwijl ik even mijn hand door mijn haar haal. Ze schudt haar hoofd op en neer. Haar blonde haren dansen mee. Net zoals die van Luna.
"Is je papa niet in de buurt?" Vraag ik. Haar beide mondhoeken zakken omlaag. "Ik ken mijn papa niet." Zegt ze met een piepend stemmetje. Mijn mond vormt een ronde cirkel. Ze komt tegen me aanstaan. Ze legt haar hoofd tegen mijn borstkas aan. Haar blonde haren prikken tegen mijn keel aan. Ik zwijg en weet niet wat ik moet doen. Haar van me af duwen of het even zo laten? Is het niet vreemd dat ze dit doet? Bij een vreemde?
Na een tijdje sta ik op en ze kijkt me vragend aan. "Wat is jou naam?" Vraag ik haar. "Bente." Antwoord ze met een kleine glimlach. Ik glimlach terug. "En die van jou?" Vraagt ze me met een jonge meisjes stem. "David, kleine prinses." Haar ogen beginnen te sprankelen. "Ik vind je lief David." Zegt ze. Ik lach. "Kom we gaan je familie zoeken." Begin ik van onderwerp te veranderen.
Ze knikt en pakt mijn hand vast. Ik kijk ernaar en besluit het zo te laten. We lopen door één van de vele gangen, totdat er plots luidruchtig wordt geroepen. "Bente!" Klinkt er. Ik draai me om en Bente volgt mijn beweging. "Oma!" Roept ze en ze rent op de oudere vrouw af. Ik blijf stil staan en kijk toe.
Nadat ze elkaar hevig in de armen hadden gesloten beent de vrouw naar me toe. Ook Bente loopt mee. De vrouw steekt haar hand uit. Ik doe hetzelfde en beide schudden we onze hand. "Ans." Zegt ze met een dankbare glimlach. "David." Beantwoord ik terug.
"Dank u, dat u haar heeft gevonden. Er spelen nogal wat persoonlijke dingen af." Zegt de vrouw wat ongemakkelijk. Ik knik beleefd. "Geen enkel probleem, mevrouw." Nogmaals knikt ze dankbaar en pakt ze de hand van Bente stevig vast. "Dag." Zegt de vrouw en ze trekt het kleine meisje met haar mee. Nog even blijf ik staan en Bente draait zich om en onze blikken kruisen weer met elkaar. "Doei David." Zegt ze, terwijl ze verlegen naar me zwaait. Ik glimlach terug en wacht tot ze beide de hoek om waren.
Ik zucht zachtjes. Ik lik mijn lippen en been terug naar de wachtkamer. Al snel zit ik weer op een stoel. Mijn gedachtes gaan weer naar Luna. Oh, laat haar toch beter worden.
'Vanmiddag heeft een jongen, rond de twintig jaar, een poging tot zelfmoord gepleegd met als hulp zijn eigen wapen...' Hoor ik door de wachtkamer. Gelijk schiet ik omhoog en richt ik mijn aandacht op de mini televisie die in de hoek van de wachtkamer is opgehangen aan de muur.
'De jongen is naar het ziekenhuis gebracht, of hij het goed maakt is nog niet bekend. Ook de reden van zijn poging is nog niet duidelijk.' Maakt de presentatrice af, maar de rest hoor ik al niet meer. Beelden komen tevoorschijn. Beelden die mijn ogen niet geloven.
Het is Mark.
Ik sta op. Loop met grote passen de wachtkamer uit. Naar de balie. "Mevrouw, weet u of er ene Mark in dit ziekenhuis ligt?" Vraag ik gehaast. "Uhm, weet u niet de achternaam?" Vraagt ze. Oh ja, stom natuurlijk. "Uh, even denken, het was..." Stamel ik. Ik voel me echt dom op dit moment, maar het kan me niks schelen. "Mark Jansen?" Zeg ik vragend. Ze knikt en haar blik schiet gelijk op haar beeldscherm.
"Dat klopt, hij is hiernaartoe gebracht vanwege een zelfmoord pleging, bent u een familielid of vriend?" Vraagt ze direct. Ik frons mijn wenkbrauwen. "Uhm ja, weet u waar hij momenteel ligt?" Haar blik schiet weer richting het scherm. Na enkele seconden krijg ik al antwoord. "Kamer 202, maar u kunt nog niet naar hem toe, het spijt me. Hij is er ernstig aan toe heb ik begrepen, maar kan ik u niet helpen? Ik begrijp dat dit een vervelend en nare situatie voor u is." Ik kijk haar aan. Ik zucht even. "Ja, kunt u mij ook vertellen waar-" ik stop als ik Theo in de verte zie lopen. "Ow, laat maar, dank u voor de informatie." De vrouw fronst haar wenkbrauwen maar ik ben er al weer van door.
"Theo!" Roep ik. Hij kijkt gelijk mijn kant op en komt direct op me af gelopen. "David." Zegt hij, als we bij elkaar staan. "Hoe is het met haar?" Vraagt hij gelijk. Ik haal mijn schouders op. "Ik weet nog niks." Mompel ik. Hij knikt en ik merk op dat hij er slecht uit ziet. "Het spijt me voor alles." Verontschuldig ik mezelf. Hij lacht even. "Het is niet jou schuld, jij bent een goede vent." Zegt hij terwijl hij kort op mijn schouderblad klopt. Ik schenk hem een dankbare glimlach.
We lopen richting de wachtkamer. Beiden ploffen we neer op een stoel. Het is stil. Te stil. Het is wat ongemakkelijk, maar dat boeit me nu niks. Mijn gedachtes blijven bij Luna. Maar ook spookt Mark door mijn hoofd. Zelfmoord? Waarom?
Ik buig voorover, richting Theo. "Mark ligt ook ergens in het ziekenhuis." Mompel ik zachtjes. Hij knikt. "Dat weet ik." Beantwoord hij zacht terug. Ik knik. "Ook gehoord?" Vraag ik. Hij kijkt me plots diep in mijn ogen aan. Ik haal ongemakkelijk mijn hand door mijn haar. Wat ik dan wel vaker doe. "Nee," zegt hij. Ik kijk hem raar aan. "Wat bedoeld u?" Vraag ik verward. Hij buigt nog wat dichterbij.
"Hij heeft geen zelfmoord gepleegd," hij stopt even. "Ik heb ervoor gezorgd." Vervolgd hij op fluistertoon.
-------------------------
Hey,
Zozo, een lekker lang hoofdstuk! :)
Wat een zooitje toch allemaal, maar alles word duidelijker! Voor het geval je het misschien allemaal maar een beetje vreemd vind haha.
Xxx caitlinxfranke
'