S14A07 De Parasiet, 2.0

1.8K 26 16
                                        

Met een afkeurende blik staart de vrouw naar de ronde, glimmende schaal op tafel. De schaal is bedekt met gecrushed ijs. Daarop liggen gesneden partjes citroen her en der verdeeld tussen de oesters. In het midden van de schaal staat een relatief klein, wit bakje met een rode substantie. In de saus zitten stukjes. Eva kan niet helemaal thuisbrengen wat er in zit. Hoeft ook niet, want ze is niet van plan om ook maar iets van deze schaal te nuttigen. De jazzmuziek op de achtergrond vult de ruimte. Andere geluiden, zoals de conversatie van andere gasten, gerinkel van glas en bestek, registreert de vrouw niet. Haar ogen zijn voornamelijk gericht op de diverse schelpen op tafel met daarin een grijze, blubberige substantie. Haar lange, bruine lokken zijn over haar linkerschouder geslagen en de bovenkant van haar linker vingers raken de onderkant van haar kin. In haar andere hand houdt ze een vork vast. Beide ellebogen rusten op tafel. De lippen van de vrouw liggen op elkaar en staan enigszins strak gespannen. Verder is aan haar houding te zien dat ze het niet bepaald naar haar zin heeft. De man tegenover haar schijnt iets minder moeite te hebben met de delicatesse die voor het duo op tafel staat. Met zijn duim aan de ene kant van de schelp en de rest van zijn vingers aan de andere kant, neemt hij een schelp vast en brengt het naar zijn mond. In één teug giet hij de inhoud achterover. Een kort, zacht slurp-geluid weet de man niet te onderdrukken. 'Hmm.' Eva ziet het tafereel aan. Hij kauwt niet eens. Inmiddels ligt alleen haar wijsvinger nog onder haar kin. Haar ogen glijden voor een derde keer deze avond over de schaal. Met de tanden van haar vork verkent ze de smeuïge substantie van de oester. De man ziet zijn kans schoon om haar ermee te confronteren. Hij buigt zich iets voorover over tafel. 'Het klopt niet dat jij zegt dat je het niet lust.' Stelt hij met een grimas. Met zijn bovenlip beweegt hij over zijn onderlip heen. De zoute smaak valt opnieuw op zijn tong. 'Je hebt het nooit geproefd.' Zijn stem is zacht, sensueel. Zijn ogen zijn ietwat samengeknepen. Eva trekt haar vork terug uit de zeevrucht. 'Kijk dan,' de vrouw haalt haar wenkbrauwen op, knijpt haar ogen samen en trekt haar lippen naar achteren. Door de houding van haar mond is de afkeur op haar gezicht goed te lezen. Ondertussen zijn haar ogen nog steeds gericht op het gerecht voor haar neus. 'ik vind dit er gewoon heel erg vies uitzien.' Ze richt haar blik op de man die tegenover haar zit. Nu pas ziet hij hoe helder haar blauw-groene ogen uitkomen met dit licht. Haar mond staat open, haar wenkbrauwen wijzen naar elkaar omdat ze een fronsende houding aanneemt. Ineens, uit het niets, trekt ze haar wenkbrauwen hoog op. Haar ogen worden groot. Op een puntige manier wijst ze de vork voor een seconde voor zich uit, naar de man toe. 'En ik ga het ook niet proberen.' Ze legt haar vork neer. Zo, dat is afgedaan. Ze heeft het even aangezien, maar bij nader inzien is het toch niets voor haar. Wolfs is even van zijn stuk gebracht, maar heeft genoeg argumenten klaar staan om haar te laten twijfelen. Ten minste, dat moet hij nog maar zien. Zijn ogen wendt hij af naar rechts. Een duidelijk voorbeeld van een nadenkend persoon. 'En hoe moet dat dan, straks?' Hij richt zijn blik weer naar haar. Ze knikt kort met gesloten ogen. 'Wat?' De wijsvinger van haar linkerhand ligt tegen haar onderlip. Haar lippen zijn los van elkaar en haar witte ondertanden zijn zichtbaar. 'Met onze strandtent.' Kut. Haar ogen verliezen het contact met de man en andersom. Een kleine schok door haar lichaam maakt haar een stuk alerter in de hele situatie. Een aantal dagen geleden had ze een grapje gemaakt over het beginnen van een strandtent op een wit zandstrand met palmbomen. In dat tentje zou ze duurzame producten uit de zee willen serveren als ze haar baan zou verliezen. Dat Wolfs daar nu op terugkomt, verbaast haar enigszins. 'Duurzame producten uit de zee. Dat zei je zelf.' Opnieuw kijkt hij haar aan. Hij ziet dat haar vingers nu verplaatst zijn naar haar kin en niet meer rond haar mond liggen. Echter is het wel alleen haar wijsvinger die contact maakt met haar huid. Hij kijkt haar met een semi-strenge blik aan. Het is zijn strategie. Ze moet toch ooit een keer overstag gaan en met dit argument in zijn betoog moet Eva wel van goede huize komen om er tegenin te gaan. Ze maakt een geluid dat zowel op lachen als op grinniken lijkt. Toch is het geluid niet schel en hoog, maar gecontroleerd en laag. 'Jaaa...' Ze kijkt hem opnieuw aan. Het lijkt vanavond wel een kat-en-muis-spel wat betreft oogcontact. 'Ja, maar ik zie dat, eh, heel er anders nu.' Ze haalt haar ellebogen van tafel en laat zich in de rugleuning van de stoel vallen. De blik van de man is 360 graden gedraaid: hij kijkt haar quasi-verbaasd aan. Zijn wenkbrauwen zijn hoog opgetrokken, zijn lippen liggen op elkaar en zijn ogen zijn groter dan eerst. 'Ja. Hamburgers. En bier. Dat wordt het.' Haar ogen wendt ze van hem af en bij elke opsomming knikt ze kort met haar hoofd om haar argument kracht bij te zetten: 'Hamburgers, bier,' Ze heft haar hoofd omhoog en neemt een flinke hap adem. Ze gaat verder: 'ondergaande zon... De blauwe zee...' Hij kijkt haar met ietwat samengeknepen ogen aan. Dit antwoord had hij natuurlijk kunnen verwachten. 'Parelwitte zandstranden, palmbomen en heel veel gespierde jongens op surfplanken.' Ze pakt haar glas en brengt het naar haar mond. Nu ligt de bal weer bij Wolfs. Hij rolt zijn lippen over elkaar en komt dan met de feiten op tafel. 'Wist jij dat de oester heel gezond is?' Eva slikt haar water door en knikt met haar ogen gesloten. Haar mondhoeken wijzen naar buiten. Door deze actie komen haar lippen strak te staan en zijn er rimpels bij haar mondhoeken te zien. Daar gaan we weer. Ze zet haar glas terug op tafel, ondertussen ratelt de man tegenover haar een aantal vitamines op: 'Zink, magnesium,' Ze knikt bij elk opgesomd argument van de oester. Hij gaat ondertussen verder: 'vitamine B12, B3, D, bombol energie.' Ze haalt haar neus op. 'En toch, weinig calorieën.' De man zou het goed doen in een reclamespotje voor een oesterkwekerij uit Yerseke. Eva buigt zich op haar beurt een beetje over de tafel. 'Snot heeft ook weinig calorieën.' Na haar inbreng drukt ze haar rug opnieuw tegen de achterkant van de stoel. 'De oester is lustopwekkend.' Zijn stem is al heel de avond sensueel en zacht. Hij is er echt van overtuigd dat hij Eva aan de oesters krijgt: ze zit immers al voor hem met tussen hen in een schaal van, naar zijn mening, onschatbare waarde. Eva neemt nog een slok. 'Een prikkel voor de geest, de zinne en de liefde.' Dat laatste doet Eva giebelen met haar ogen dicht. Ze kan het niet langer aanzien en draait haar hoofd weg. Wolfs' ogen zijn veranderd in pretoogjes. Hij geniet duidelijk van Eva's ongemakkelijke houding en blik. 'Casanova,' gaat hij verder, 'die man die at vijftig oesters per dag. En we weten allemaal-' Eva kan het niet langer aanzien en besluit hem te onderbreken: 'Oké. Oké.' Haar ogen zijn opnieuw groot. 'Eentje. En dan houd je voor altijd op over die dingen.' De man weet niet wat hij hoort. Toch laat hij zich niet kennen. 'Afgesproken.' Is zijn antwoord. 'En hier ga jij geen spijt van krijgen, Eva van Dongen,' zegt hij met een lach op zijn gezicht. Met zijn duim, wijsvinger en middelvinger pakt hij een willekeurige schelp van de schaal. Ze ziet hoe hij het vasthoudt. Er is geen enkele uitweg meer. Het liefst zou ze opstaan en hard wegrennen. Door haar ego blijft ze zitten. Ik ga me niet laten kennen, zeker. 'Welkom in de wereld van de verfijnde smaken.' Een laatste zucht ontsnapt uit haar mond. Hij brengt het schelpje naar haar mond. Ze kijkt ernaar. 'Mond open.' In plaats van haar mond open te doen, ruikt ze er eerst aan. Aan de geur is niks op te merken. De oester is vrijwel geurloos. 'Mhh, ja...' Mompelt ze nog. 'En, ontspan...' Zegt hij bijna op een fluistertoon. Haar mond opent zich. Hij zet de onderkant van de oester tegen haar onderlip. 'Het ergste wat jou kan overkomen is dat je het niet lekker vindt.' Haar bovenlip vormt zich om de schelp heen. Met beleid giet hij het oestervlees in haar mond. Wanneer ze de oester heeft doorgeslikt, rolt ze haar lippen over elkaar heen. Haar lippen proeven zoutig.

Tussendoortje (Flikken Maastricht)Stories to obsess over. Discover now