Hoofdstuk 18

56 8 2
                                                  

Elodie jaar 399

Een knecht van de beheerder wees Roylen de weg naar het huis van Leni's ouders. Dat was maar goed ook, want ze moesten het hele resid door. Katrin was dan wel niet zo groot als Gard, toch moesten ze bijna een half uur lopen voordat zijn gids vooruit wees. "De middelste van de drie is het. Goede dag."

Hij vergat bijna terug te groeten, zo onder de indruk was hij van wat hij voor zich zag. Hij had het niet beter kunnen treffen. Het huis waarin de familie van Leni woonde was een van de drie waar hij, onder andere, voor gekomen was.

Ze stonden in een halve cirkel, helemaal aan de rand van het resid. zo'n honderd meter daarachter begon De Peder. De rotswand steeg bijna loodrecht omhoog en wierp een welkome schaduw over de helft van de middelste woning. Ze waren alle drie laag gebouwd, met kleine ramen en een plat dak. Hij draaide zijn hoofd naar links en zag verderop een speelplaats liggen, ook in de schaduw van het grensgebergte. Rechts lag niet veel, blijkbaar woonden de Eloden hier heel bewust in de warmte van Sol.

Het was erg rustig om hem heen, hij had dan ook geen flauw idee hoe laat het was. In het gastenverblijf had hij niet op een klok gekeken en zijn omgeving was zo anders dan een halve dag geleden, dat hij de kluts een beetje kwijt was. Het maakte niet veel uit, hij kwam er zo wel achter.

Gehoor gevend aan een verlangen dat hij al had voelen borrelen, het moment dat hij Katrin in was komen rijden, hurkte hij neer en legde beide handen op de grond. Het zand was warm onder zijn vingers en met zijn gave reikte hij uit naar de verborgen stenen onder hem.

Het lichtte meteen op. Meters en meters ver en diep. Hij moest zijn ogen sluiten, zo overweldigend was het. Er lagen geen losse stenen onder de oppervlakte, zoals in Gard en andere plaatsten waar hij was geweest. Hier leek De Peder gewoon door te lopen, als een boom die zijn wortels onder de grond uitstrekt tot ver voorbij waar de stam zichtbaar is. Voor zover hij kon voelen bestond het hele plateau waarop Katrin gebouwd was, uit één grote steen. Een ongelovig lachje ontsnapte uit zijn keel toen hij vele smalle groeven zag met zijn mentale blik. Zou daar water doorheen stromen? Een tijdje volgde hij een van de groeven, tot zijn zicht verdween. Daar zou hij op moeten oefenen. Het versterken van zijn bereik. Al zou het dit keer ook gewoon aan moeheid kunnen liggen.

De neiging weerstaand om nu meteen de weg te vervolgen van de groeve, kwam hij overeind. Zodra hij zijn ogen opende, deed hij een verschrikte stap achteruit. Een paar meter voor hem, stond Leni's vader hem met een peinzende blik te bekijken.

Hij vroeg echter niets en wenkte enkel voor hij zich omdraaide en in het middelste huis verdween. Roylen volgde hem, zenuwachtig en een beetje bang dat hij net zijn kans op een leerplek verspeeld had. Zou hij moeten uitleggen wat hij net deed? Wat hij kon? Dat had hij liever nog even geheim gehouden. Met zijn zendgave taste hij de omgeving af en tot zijn verbazing ontdekte hij dat er helemaal niet veel zenders in Katrin woonden. Hij was eraan gewend om omringd te zijn door sterke zenders. Zowat zijn hele familie had de gave en in Gard woonden er ook genoeg. Zijn eigen gave had geen grens op de planeet en daarom had hij vaak zijn schild omhoog, maar hier voelde hij gewoon nauwelijks iemand in zijn nabijheid. Heel even bleef hij stil staan voor de deur van de woning. Een paar slapende zenders lichten zwak op, toen hij zocht. Een tweetal zenders met hun schild omhoog in noordwestelijke richting en nog één meer in het zuiden van het resid, maar dat was het. Het waren ook geen sterke zenders, want een onderliggend schild ontbrak. Zouden ze het hier niet belangrijk vinden?

"Roy? Wat doe je toch allemaal? Kom binnen, of durf je niet meer?"

Opnieuw schrok hij op, hij moest echt beter gaan opletten. Vlug legde hij uit: "Sorry, ik was aan het kijken. Jullie hebben niet veel zenders hier."

De Nieuwe Wereld deel 7: Elodie's ErfgoedWaar verhalen leven. Ontdek nu