15.

4 2 0
                                                  

'Iedereen naar buiten!'
   Langzaam opende de laadklep van het vrachtvliegtuig. Nido bracht haar handen boven haar ogen als bescherming tegen het felle licht dat door de steeds groter wordende opening binnendrong. De koker beukte tegen haar hoofd en verschrikt deinsde ze achteruit. Het voelde nog steeds onwennig.
   'Doorlopen, Breekie,' zei een jongen achter haar. Hij gaf haar een flinke por in haar rug en ze kon met moeite op de steile helling blijven staan die eindigde op het beton van het vliegveld.
   'Doe normaal, man. Gaat het? Je ziet toch dat ze gewond is?' Een lange jongen met vriendelijke ogen pakte Nido bij haar bovenarm en ondersteunde haar toen ze naar buiten liepen. Dankbaar glimlachte ze naar hem. Hij had warrig, donkerbruin haar en een atletisch lichaam. Hij was minstens twee meter lang. Zijn gezicht was niet knap, het zat vol vage littekens, maar met zijn vrolijke lach was hij een aangename verschijning. 
   'Nolin.' Hij stak zijn hand naar haar uit.
   Nido hield onbeholpen haar arm met de koker omhoog: 'Nido.'
   'Naar de melk?'
   'Nee. Nieuweling.'
   Hij trok zijn borstelige wenkbrauwen op. 'Ik ben een rekruut.'
   Buiten werden ze door mannen in donkerblauwe uniformen begeleid naar een rij bestaande uit overige jongeren die al stonden te wachten. De geur van kerosine drong Nido's neusgaten binnen en prikkelde haar slijmvliezen. Het terrein was verder verlaten. Zwarte, halfronde vormen doemden in de verte op tegen de donkerblauwe achtergrond. Door de twee legertrucks op de voorgrond concludeerde ze dat ze op een militair vlieg-veld waren geland.
   De zon was nog niet opgekomen en de sterren fonkelden als diamanten boven de hangars. Grote bouwlampen op hoge statieven wierpen een bundel licht in de laadruimte en naar de plek waar ze moesten verzamelen. Het licht sneed door de duisternis en deed pijn aan haar ogen. Alle jongeren in de rij stonden onbeweeglijk te wachten op wat er komen ging.
   'Zijn we compleet? Ik ben Loct, hoofdtrainer van de trainingsdivisie van De Orde van de Poortwachters.' Hij pauzeerde even. Hij was een norse, brede man, qua uitstraling niet een vaderlijk type, maar qua leeftijd wel, met een hoekig gezicht en zwarte kraalogen. Vragend keek hij de mannen in blauwe uniformen aan. 
   Een van de mannen wees naar de klep van het vliegtuig en een Chinees meisje in een veel te zoete jurk pro-beerde zo goed en zo kwaad als het ging naar beneden te drib-belen. Ze leek op een pop. Zoet. Lief. Misplaatst.
   Een aantal jongeren lachten gesmoord, maar Nido wilde haar helpen. Ze wist hoe het voelde om anders te zijn. Steampunk Sep was zijn leven lang gepest en toen ze het niet meer kon aanzien, had ze hem geholpen. Ironisch genoeg werd zij daardoor zelf het slachtoffer van de pesterijen.
   Een grote mahoniehouten stok hield haar abrupt tegen. Ze keek naar de hand die de stok vasthield en vervolgens naar de pols waarop aan de binnenkant het ringensymbool was getatoe-eerd. Haar ogen gleden omhoog en ze keek recht in de donkere ogen van Loct die haar woedend aankeek. Een rilling gleed over haar rug. Snel sloeg ze haar ogen neer.
   Hij duwde haar met de stok terug in de rij. 'Je beweegt alleen als ik zeg dat je moet bewegen!' Hij stapte van haar weg.
   Nido liet haar adem, die ze onbewust had ingehouden, tussen opeengeklemde kaken ontsnappen.
   'Is dat begrepen?' Iedereen mompelde instemmend. 'Is dat verdomme begrepen?' Loct schreeuwde en zijn stem rolde door de lucht als een donder na de bliksem.
   Nido kromp ineen en schreeuwde met de anderen mee. 'Yes, Sir!'
   Loct liep op het jammerende meisje af dat nog steeds bezig was met haar afdaling. Haar roodgelakte schoentjes kletterden op de ijzeren laadklep tijdens haar moeizame afdaling.
Een angstig voorgevoel sloop als een panter door Nido's lichaam en nestelde zich in haar maag. Aan de manier waarop hij op het meisje afliep, kon ze zien dat hij haar niet wilde helpen.       Integendeel.
   Loct liet zijn stok triomfantelijk tegen zijn been tikken bij iedere stap die hij zette. Zijn bovenlichaam wiegde met de bewegingen mee. 'Ben je klaar, schatje?' Hij schonk haar een glimlach die zijn ogen onberoerd liet.
   Het meisje knikte dankbaar naar hem. Haar amandelvormige ogen blonken in het felle licht.
   Nido huiverde. Ze was zelf zo vaak gepest dat ze het verschil tussen oprechte vriendelijkheid en een spottende opmerking wel kon horen.
   'Als de sodemieter in de rij gaan staan, prinses!' De stem van Loct bulderde over het verlaten vliegveld. Het jammerende meisje kromp rillend ineen. Met een ruk trok hij haar van de klep en gaf haar een flinke duw. Ze wankelde, probeerde haar evenwicht terug te vinden, maar haar fragiele schoentjes waren niet gemaakt om te rennen. Met een gil viel ze voorover op het asfalt en bleef snikkend liggen. Ze keek naar het gapende gat in haar panty en de geschaafde huid van haar knie die langzaam rood kleurde. Moeizaam stond ze op toen Loct naderde en zo vlug als ze kon liep ze hinkend naar de rij. Haar tranen glinsterden als edelstenen toen ze over haar wangen naar beneden gleden.
   Nido hief haar kin op en keek recht voor zich uit. Ze probeerde haar ware gevoelens te verbergen achter een emotieloos masker.
   Langzaam wandelde Loct langs de groep en nam de jongeren een voor een op. Met iedere stap die hij zette, kwam het onheilspellende geluid van het tikken van zijn stok dichterbij. 
   'Welkom in Duitsland.' Zijn stem klonk griezelig kalm.
   Nido zag vanuit haar ooghoek twee mannen lachend iets tegen elkaar fluisteren en naar het Chinese meisje kijken.
   'Daar,' Loct wees naar de twee vrachtwagens, 'staat jullie vervoer naar een andere wereld. Letterlijk. Je hebt geen ouders meer, je hebt geen vrienden meer, je hebt verdomme zelfs geen eigenwaarde meer. Vanaf nu ben je van mij en mijn trainers en kunnen we met je doen wat we willen. En als...' hij bleef even voor het Chinese meisje staan die grote moeite moest doen haar emoties en hevig trillende lichaam onder controle te krijgen, '...ik vind dat je niet genoeg je best doet, zou je willen dat ik hier ter plekke een kogel door je onnozele kop had gejaagd.' 
   Hij glimlachte naar de groep en zijn vrolijke gezicht zag er nog griezeliger uit dan zijn norse. 'Is er iemand die graag een kogel in zijn donder wil krijgen om ervan af te zijn?' Dreigend keek hij de rij langs. Niemand durfde te bewegen of een geluid te maken. 'Niemand?'
Hij bleef voor Nido staan en liet haar haren door zijn korte, dikke vingers glijden. Haar hart miste een slag. Met ingehouden adem sloot ze haar ogen. Ze hoopte vurig dat hij haar met rust zou laten. 
   'Je kunt nooit zeggen dat ik het niet gevraagd heb!' zei hij lachend toen hij weer wegliep. Hij knikte naar zijn mannen.
   Nido liet haar adem in een lange zucht ontsnappen. Haar nagels sneden in haar handpalmen.
   Een van de mannen wees naar het rillende meisje, het symbool zat ook op zijn pols, het brandmerk van de Orde. Het meisje maakte zich klein, haar lichaam in elkaar gedoken, en ze stak haar trillende vinger een klein stukje omhoog. 
   'Ik wil naar huis, ik wil hier niet blijven,' zei ze aan een stuk door. 'Ik hoor hier niet, dit is een vergissing!'
   Nido sloot haar ogen en ze wenste inwendig dat het meisje haar mond hield. Doe niet! Doe niets.
   Loct ging voor het meisje staan. Zijn glimlach haperde. Hij haalde een keer diep adem en sprak op beheerste toon. 'Jij bent de vergissing, prinses.' Toen draaide hij zich om naar zijn mannen.     'Breng haar naar PWD. De rest kan naar de trucks.'
   Dwingend en luid schreeuwend leidden de mannen iedereen rennend naar de vrachtwagens. Iedereen, behalve het hevig bevende meisje dat door Loct werd tegengehouden met zijn stok, waardoor ze haar laatste beetje controle verloor en schreeuwend smeekte om toch mee te mogen. Haar handen omklemden krampachtig de stok en probeerde hem tevergeefs weg te duwen. Haar gegil ging door merg en been.
   Nido klom in de legertruck en ging op de houten bank zitten. Ze probeerde niet naar het meisje te kijken, maar net als alle anderen kon ze haar ogen niet afwenden van het afgrijselijke tafereel. Het meisje werd door een van de mannen aan haar bovenarm meegesleurd naar een legerjeep die naast het vliegtuig stond. Ze jammerde aan een stuk door en keek telkens achterom naar de trucks waarin Nido en de anderen zaten. Haar grote ogen weerspiegelden de angst die haar overspoelde.
   Nido sloot haar ogen in een poging het beeld uit te wissen, maar het zat al op haar netvlies gebrand. Die ogen. De paniek. De angst. Om nooit meer te vergeten.


De Orde van de Poortwachters {YA Urban Fantasy}Waar verhalen leven. Ontdek nu