5. Fleur

37 0 0

"Fleur, je moet nu met ons meekomen." Zeiden Joost en Ruben in koor. "Het is dringend."

Ik vroeg waarom, maar ze bleven alleen volhouden dat ik moest meekomen en wilden niet zeggen waarom. We liepen naar buiten, maar zagen helemaal niks. Het was alsof het al het licht weggezogen was uit de wereld. Maar toen zagen ze een plek waar licht was en precies op die plek stonden Syrena, Chris, Sora, Jana en Chiara heldhaftig naar ons te kijken.

"Wat willen jullie van ons?" Schreeuwde ik naar ze.

"Wij willen niets van jullie, Hensan denkt alleen dat jullie misschien handig zullen zijn." Klonk een stem in mijn hoofd. Ik had altijd al stemmen in mijn hoofd gehoord. Vroeger praatte ik ook altijd terug, maar toen ik erachter kwam dat andere mensen ze niet konden horen en me raar aankeken nadat ik iets had geantwoord, praatte ik niet meer met de stemmen in mijn hoofd. Deze was alleen anders. Deze klonk alsof ik gek aan het worden was. Hij klonk alsof hij me tot waanzin wilde drijven.

"Handig waarvoor? Schreeuwde ik terug.

"Fleur, met wie praat je?" Zei Ruben tegen mij, maar voordat ik had kunnen antwoorden, kwam er een soort zwaard door de duisternis en verdween het. Plotseling waren Syrena, Chris, Sora, Jana en Chiara verdwenen en stond een vreemde man met een soort orde-jungle jurkjas aan samen met Anna en Bram voor ons.

"Kom snel!" Ze de man. "Ik kan ze niet eeuwig afhouden, vijf volleerde klapsi en een Boncaptan zijn moeilijk te weerstaan in mijn eentje."

We renden naar hem toe en toen we minder dan een meter bij hem vandaan stonden, kwam de duisternis op ons afrazen.

"Pak me vast!" Schreeuwde de man. We pakten hem alle vijf stevig vast en ik hoorde hem iets zeggen van 'alkens'. Ik wist niet wat het was en ik had ook niet heel veel tijd om erover na te denken, want voor ik het wist werden we meegezogen door een soort draaikolk. Er kwam een misselijk gevoel in mijn buik. Ik had het gevoel dat ik moest overgeven, maar net toen ik het wilde doen, vielen we op de grond. Ik keek om me heen en zag dat de anderen precies hetzelfde gevoel hadden als ik: doodziek. Ik zag ook een betoverend mooi land voor me. Er was een groot meer, een bos en een enorme vulkaan. Ik zag zelfs zwevende eilanden ongeveer honderden meters boven ons, maar het mooiste van alles was een een plek met allemaal bemoste bogen eromheen. De plek straalde een soort paarse gloed af en ze wist dat dit de beste plek ooit was.

"Waar zijn we?" Vroeg Joost na een tijdje.

"Kinderen, dit is jullie nieuwe thuis. Dit is Capplensa, het Land van de Goden!"

Elemental Powers: The departureLees dit verhaal GRATIS!