Jessy keek uit het raam van de auto. Iedereen in de auto sliep al, behalve Cecille en zij. Jessy kon niet slapen, ze moest telkens aan huis denken en daar kreeg ze een rotgevoel van. Ze wilde gewoon thuis zijn; niet omdat ze niet met deze mensen kon opschieten, maar gewoon omdat ze thuis altijd het gevoel had dat ze veilig was, en hier het duidelijk niet zo was.

'Hé, Jess,' zei Cecille zachtjes, zodat de anderen niet wakker zouden worden. 'Kunnen we even wisselen.' Jessy keek haar even verbaasd aan, maar begreep toen wat ze bedoelde. Natuurlijk, Cecille wilde ook slapen.

'Ja natuurlijk,' zei Jessy. Ze stopten kort bij een soort open parkeerplaats en Jessy nam de auto over. Het stuur voelde vertrouwd in haar handen, alsof het ervoor gemaakt was. Ze had zo vaak in deze auto gereden dat het normaal was geworden om ermee te rijden. Jessy wist dat ze de eerste keer helemaal panisch werd van de grootte van de auto, maar nu was ze gewend geraakt aan de afstand tussen de wielen en de manier waarop de auto over elk gaatje heen reed, zonder enige vorm van problemen.

Binnen een paar minuten viel Cecille in slaap. Jessy zette de radio zachtjes aan en hoorde het nummer Somewhere only we know van Blake Lewis. Ze zong zachtjes mee. Jessy kon goed zingen. Ze zong haar jonge zusje Heleen altijd in slaap. Haar zusje vroeg altijd om Somewhere only we know. Het voelde bijna alsof ze thuis was, bijna alsof ze veilig was.

Er sprongen tranen in Jessy's ogen. Waar was ze in verzeild geraakt? Wist haar zusje wat er aan de hand was? Natuurlijk niet! Ze wist zelf niet eens wat er aan de hand was. Ze vroeg zich af of iemand wel wist wat er aan de hand was. Toen begreep ze dat degenen die het wel begrepen, hen niet kenden, of achter hen aan zaten, zoals die mannen.

Jessy hoorde een pling uit een van de doosjes. Ze pakte de doos die nog open was en keek naar de telefoon. Het was gevaarlijk om zo afgeleid te zijn als het donker was buiten, en dan nog steeds te rijden, maar Jessy was gevorderd, dus zoveel maakte het haar niet uit.

Beste Jessy,

Waar ben je? Waarom zing je niet voor Heleen? Wat is er aan de hand? Waarom laat je me zo'n zorgen maken? We missen je! Ik hoop dat je snel en ongedeerd terugkomt en Heleen wilt een knuffel.

x Mama en Heleen, pap is weer iets doen voor werk.

Er sprongen tranen in Jessy's ogen, maar ze keek weer naar de weg en besloot zich te concentreren. Ze keek even uit de spiegel en zag dat er drie auto's tussen haar en de achtervolgers zaten. Ze haalde een auto in, vier auto's.

'Jess?' vroeg Kat, vanaf de eerste achterbank. Ze deed niet zachtjes, om de anderen niet te wekken, maar Jessy wist dat de anderen gewoon in een diepe slaap waren, dus het was ook niet echt nodig.

'Ja?' Jessy fluisterde zelf wel

'Zitten ze nog steeds achter ons?'

'Jep.'

'Heb je al geslapen?'

'Nee.'

'Geen slaap?'

'Nee, niet echt nee.'

'Ik ook niet echt.'

'Aha.' Een stilte viel.

En aan de horizon begonnen de eerste stralen zon te schijnen. Jessy reed daar naartoe terwijl ze zich zorgen maakte over alles. Wat er ging gebeuren, wat er niet ging gebeuren, wat ze allemaal miste en vooral hoe ging het met haar familie.

Migri {deel 1}Lees dit verhaal GRATIS!