Hoofdstuk 10

99 9 3

Eigenlijk had ze meteen moeten gaan, zodra de verschuiver het weer deed, maar iets weerhield Tyrna ervan het zwarte doosje te activeren. Of het nou nieuwsgierigheid was naar de jonge wereld waarop ze terecht was gekomen, of de wens om Tómy tegemoet te komen, ze had in ieder geval toegestemd nog een dag te blijven. Het was heel onbezonnen en ze zou zich vast moeten verantwoorden bij haar meerderen, zodra ze weer terug was, maar er was iets begonnen te knagen en ze moest uitvinden wat het was, voordat ze deze wereld voorgoed vaarwel kon zeggen.

Feit was dat ze niet goed wist hoe haar opdrachtgevers zouden reageren op de informatie die ze hen zou brengen. Ze weet het aan haar contact met Tómy en zelfs aan haar ontmoeting met Gem. Een stukje angst nestelde zich in haar hart, wanneer ze dacht aan de mogelijkheden die er zouden liggen na haar terugkomst. Misschien moest ze inderdaad langer blijven, meer informatie verzamelen, de bewoners van Elodie beter leren kennen. Als haar nabespreking van haar missie zo zou gaan zoals ze vreesde ... Misschien moest ze wel nu weggaan, voordat ze zich zou gaan hechten.

Kijkend in de ogen van het meisje voor haar aan tafel van het kleine appartement waarin zij blijkbaar woonde, wist ze dat het daar al te laat voor was. Tómy had haar ouders weten te overtuigen dat Tyrna niet alleen hoefde te eten, maar best bij haar kon blijven, dus daar zat ze nu. Genietend van de kookkunst van het jaren jongere meisje dat kruiden mengde waar zij zelfs nog nooit van had gehoord. Ze kon niet teruggaan naar Tagmar zonder een plan. Inmiddels was ze te diep getuimeld in de val die voor haar was opgezet, het moment dat ze Gems huis had zien staan. Trots en fier, net als zijn eigenaar. Zou ze kunnen blijven? Gewoon hier, op Elodie. Misschien kwam er wel helemaal nooit iemand anders. Zouden ze denken dat de planeet onbewoonbaar was.

Haar mond trok wat omhoog, wie hield ze voor de gek? Er stond teveel op het spel. De raad zou dit nooit zomaar loslaten.

Tómy's gedachten drongen de hare binnen. Ze was bezorgd.

"Het spijt me, Tómy. Ik ben een beetje afgeleid."

"Kan ik helpen?"

"Was het maar zo." Heel even stond ze zichzelf toe na te denken over de consequenties, wanneer ze de waarheid zou vertellen. Zou Tómy het begrijpen? Zou ze haar veroordelen? Of inzien dat ze geen keus had gehad en nu zocht naar een andere oplossing. Was dat ook echt zo? Was er een andere oplossing? Een idee begon zich te vormen in haar hoofd. Wat als ...

Nee, dat kon ze niet maken. Ze nam een nieuwe hap en probeerde te glimlachen, maar de rebellerende gedachte liet haar niet meer los. Stel dat ... het moest Tómy zijn. Een jong meisje, eigenlijk nog een kind, maar volwassen genoeg om zich te verwoorden. Het probleem met haar stem konden ze wel oplossen. Geen volwassene, dat zou teveel complicaties geven. Tómy kon ze in de hand houden. En ze was een mens, maar opgegroeid op Elodie, Basané's bloed; al die banden, dat konden ze niet negeren.

De hand met de lepel vol pasta was halverwege haar mond blijven steken en vlug liet ze hem weer zakken, toen ze doorkreeg dat Tómy was gestopt met eten en haar nu met bezorgde ogen zat aan te kijken.

"Tómy ... stel dat ... " Hoe moest ze beginnen? Hoeveel kon ze weggeven zonder zichzelf in de nesten te werken? Haar ogen vlogen naar de verschuiver, ze kon altijd weg, maar als ze dan teveel had gezegd, wat een last zou ze dan op het meisje leggen.

"Nee, laat maar, eet maar door." Ze nam weer een paar happen. De raad zou niet luisteren naar een eenvoudige medewerker. Ze was niet op deze missie gestuurd om haar eigen mening te geven. Toch ... de verwachtingen, over wat ze had moeten vinden, waren zo mis gebleken, misschien was het juist wel goed om iedereen met de neus op de feiten te drukken.

"Stel dat je een opdracht krijgt." Ze was zo plotseling weer begonnen met praten dat Tómy ervan schrok. "Sorry, maar, stel: je krijgt een opdracht om ... een stuk land te bekijken, te zien of je baas er een huis kan bouwen. Je weet dat het leeg ligt, want ... de vorige bewoners zijn overleden. Je gaat naar dat stuk land om te kijken of je baas daar nu kan gaan wonen, maar wanneer je daar komt, woont er opeens een heel gezin. Nu moet je teruggaan naar je baas en je weet dat hij zal zeggen dat het land eigenlijk altijd van hem is geweest, want ... vroeger was het ook van hem, dus hij zal dat gezin wegjagen en er zelf gaan wonen. Wat zou jij doen?"

De Nieuwe Wereld 5: Tagmar's OordeelLees dit verhaal GRATIS!