Er klinkt een luide bel. De deuren gaan open en de eerste groep kleuters stormt naar buiten. Enthousiast vliegen ze de hele speelplaats over. De eerste stepjes en skelters worden al uit het materialenhonk gehaald en geclaimd. Een andere groep vrolijke kleuters heeft echter andere plannen. Ze laten de speelvoertuigen compleet links liggen en rennen zigzaggend over het speelplein. Klimrek op, klimrek af. Hier en daar klinkt een vreugdekreet. Het speelkwartier is duidelijk begonnen. De kinderen kunnen even een frisse neus halen en krijgen tegelijkertijd voldoende lichaamsbeweging. Het speelkwartier wordt niet alleen door de kinderen gewaardeerd. Ook de kleuterjuffen- en één meester- zijn maar al te blij met de vijftien minuten pauze. Ze kunnen even tot rust komen terwijl ze een oogje in het zeil houden.
Ergens in een hoek van het plein zit een klein meisje. Haar lievelingsshirt is nog net te zien onder haar half dicht geritst, roze jas. Haar bruine haren zijn in een paardenstaart gebonden die met een kleurrijk elastiekje bij elkaar wordt gehouden. De glitters op haar gympen glinsteren in het zonlicht.
'Zo hé, dat is een mooie knuffel die je daar hebt.'
Een jongeman met de leeftijd van een jaar of 26 hangt nonchalant over het hek. Met zijn vinger wijst hij naar de knuffel die het meisje in haar handen heeft.
'Vind je hondjes leuk?'
Het meisje knikt zachtjes maar blijft verder stil. Haar ouders hebben haar geleerd om niet tegen vreemde mensen te praten en daar houd ze zich dan ook netjes aan.
'Ik heb heel veel hondjes. Heel klein en heel schattig. Wil je ze zien?'
Dit keer schudt ze haar hoofd. Nog zo'n les die ze van haar ouders heeft meegekregen; nooit zomaar met een vreemde meegaan. Ondanks haar afstandelijkheid geeft de man niet zo snel op. 'Ze zitten helemaal alleen in mijn auto. Zielig is dat toch?'
Het meisje knikt wederom zonder ook maar een geluid te maken. Ze staat op met de intentie om zich bij haar klasgenootjes te voegen. Ze vindt de man maar eng met zijn capuchon die de helft van zijn gezicht bedekt en het grote gat in zijn spijkerbroek. Haar paardenstaart schud heen en weer bij elke beweging die ze maakt. Ze klemt haar knuffel steviger tegen zich aan en zet haar eerste stappen richting de rest van de groep.
'Hé, je kan niet zomaar weglopen. Dat is onbeleefd!'
Het meisje steekt haar tong uit en wil het op een rennen zetten. Plots wordt ze aan haar paardenstaart naar achteren getrokken. Nog voordat ze het op een schreeuwen kan zetten slaat de man een hand voor haar mond.
'Ik zei toch dat je niet zomaar weg kon lopen. Hebben je ouders je geen manieren geleerd?' gromt de man.
Het meisje spartelt wild in het rond met haar beentjes. Ze probeert zo hard als ze kan met haar glitter-gympies in de buik van de man te schoppen, net zoals haar grote neef haar ooit had geleerd. Maar hoe hard ze ook probeert te schoppen, het lukt haar niet om los te komen. In plaats daarvan wordt ze nog steviger vast gepakt.
'Niet zo tegenstribbelen, we gaan het vast gezellig krijgen,' fluistert de man in haar oor. Hij heeft haar zo stevig vast dat ze last krijgt van benauwdheid. Haar groene ogen worden waterig en al snel rollen de tranen langzaam over haar wangen. Na een aantal meter voelt ze de greep verzwakken. Een stemmetje in haar hoofd zegt haar dat de man haar gewoon zal neerzetten zodat ze weer met haar vriendjes en vriendinnetjes uit de klas kan spelen.
Al snel wordt het haar duidelijk dat die kans er niet in zit. Voor ze het weet wordt ze hardhandig op de achterbank van een auto geduwd. Ze zet het op een schreeuwen zodra de man zijn hand weghaalt voor haar mond maar het heeft geen zin. Niemand kan het horen. En ook niemand heeft het gezien. Niemand weet wat het kleine meisje zojuist is overkomen.
STAI LEGGENDO
Wraak
Fanfiction'Niet zo tegenstribbelen, we gaan het vast gezellig krijgen.' Er wordt een klein meisje vermist en het team van Carla Vreeswijk doet er alles aan om haar weer met haar ouders te herenigen. Ondertussen duiken er spoken uit het verleden op die onbewu...
