Hoofdstuk 35

4.1K 341 166


 Na een paar dagen hadden alle leerlingen hun zwaarden verkregen en heerste er een gespannen sfeer in de school en tijdens de lessen. Omdat Genesis en Xander hun Weergave steeds beter onder de knie kregen, had Genesis nu ook lessen met andere Faunameesters. Die Gave was minder intensief en vermoeiend, maar vergde toch veel van haar concentratie. Samen met Lupen moest ze opdrachten uitvoeren om hun band te versterken en zo de docent een kans gaf om een beeld over hun communicatie te vormen.

Ook kregen de leerlingen nog meer lessen in zwaardvechten dan voorheen zodat ze hun nieuwe zwaarden smetteloos zouden leren beheersen. Genesis voelde zich sterker dan ooit wanneer ze met Môrs'au door de lucht prikte en sloeg en iedere aanvaller achteruit wist te dwingen door haar afgemeten acties en reacties. Na een paar lessen voelde het zwaard aan als een deel van haar lichaam en koste het haar vaak moeite om het niet mee te sleuren door de gangen, vastgegespt aan haar riem.

Ook Aster, Syren en Solène bleken steeds beter te worden en de vrienden hielden vaak onderlinge gevechten om hun vaardigheden te verbeteren. Genesis was opgelucht dat het weer beter ging tussen haar en Syren, maar na het ietwat vreemde voorval tussen hem en Lupen hield ze hem toch in de gaten. Syren had een prachtig zwaard van Balder verkregen. Het had een zwart heft met een paarsachtige edelsteen in het midden gekerfd, maar iedere keer wanneer Syren een overwinning behaalde tijdens een oefengevecht leek de steen scharlakenrood te verkleuren.

Hij bleek dan ook beter dan verwacht te zijn geworden – hij was altijd al één van de beste zwaardvechters geweest – maar met zijn eigen uitgebalanceerde zwaard leek niets hem nog te kunnen deren. Vaak vochten Aster tegen hem, maar toch wist Syren iedere keer de overwinning te behalen.

Nikai prees zich gelukkig met de leerlingen en bracht Duvall op de hoogte van hun vorderingen. Omdat alle docenten zo enthousiast waren, hadden ze samen besloten om deze groep ergens vooraan in de parade te laten lopen. Er was maar één probleem; de test. Genesis was enorm nerveus door het besef dat, als ze de test niet goed deed, ze misschien toch niet mee mocht lopen tijdens de Optocht en zielig binnen de schoolmuren zou moeten blijven, wachtend tot de andere wederkeerden.

Om die gedachte te verdrijven spraken de vrienden vaak af. De avond voor de dag des oordeels zaten ze met z'n allen rond een vuurtje dat Aster had gestookt naast het meer. Genesis had haar hoofd tegen Syrens schouder gelegd en staarde naar de opspringende vlammen die de hemel in spoten terwijl ze een diepe zucht slaakte. 'Ik wilde dat dit eeuwig kon blijven duren.'

Aan de andere kant van het vuur knikte Solène vermoeid en wreef in haar opvallende blauwe ogen. Zij en Aster zaten opvallend dicht bij elkaar, hun knieën raakten elkaar bijna. 'Ik haat dit zo hardgrondig,' mompelde ze. 'Altijd die zenuwen voor de Optocht, maar we kunnen de docenten geen ongelijk geven. Als we niet goed genoeg blijken te zijn, zouden we alle Begaafden voor schut kunnen zetten door een fout te maken. Stel je dat eens voor. Een Vuurmeester die plots de persoon naast hem in brandt steek.'

'Hé,' siste Aster gekrenkt en porde haar, 'ik voel me geviseerd.'

Solène lachte. 'Is dat zo? Ik doolde niet per se op jou hoor, maar als je je aangesproken voelt betekent dat misschien wél iets.'

Asters wangen leken rood te worden en hij mompelde iets onverstaanbaars. 'En Watermeesters dan? Wat als jij mij nou eens verdrinkt tijdens de Optocht?'

Solène keek hem onschuldig aan. 'Of jij mij. Jij bent ook een Watermeester. Of ben je dat vergeten?'

'O...' Aster keek oprecht verbaast, alsof hij serieus was vergeten dat hij een tweede Gave had en vloekte luid. 'Verdomme, Solène. Maar weet je, jij mag mij met plezier laten verdrinken. Ik verdrink toch al in het blauw van jouw ogen.'

NOX - De BegaafdenLees dit verhaal GRATIS!