Hoofdstuk 23

4K 359 113

De dagen vlogen voorbij, regen zich aaneen tot weken en Genesis trainde alsof haar leven ervan af hing – misschien was dat ook wel zo. Tijdens de pauze zocht ze haar vrienden op en bespraken ze hun vorderingen of toonden ze hun Gaven. Nu ze ook een Faunameester bleek te zijn, was Genesis Rowena enorm dankbaar. Het zwartharige meisje hielp haar met de communicatie tussen haar en Lupen en ze was blij verrast dat de band tussen Genesis en de grijze wolf zo snel groeide.

Ook Rins leek eindelijk zichzelf weer te worden en nam steeds vaker deel aan de gesprekken. Door de zware en inspannende lessen die hij moest volgen, maakte hij uiteindelijk toch vorderingen en lukte het hem eindelijk om zijn oren af te sluiten voor de omliggende geluiden. Het was hem gelukt om zijn bereik te kiezen en op een avond was hij naar hen toegeslopen om een griezelig gegrom van één of ander wezen na te bootsen in hun oren waardoor Genesis en Solène gegild hadden van angst en Syren zelfs van zijn stoel was gevallen.

'Over een tijdje lukt het me misschien om Duvalls stem na te bootsten,' lachte hij toen iedereen weer zat en Genesis fronste haar wenkbrauwen. De woorden van Duvall waren door haar hoofd blijven spoken, evenals zijn vreemde gedrag. Na hun gesprek hadden ze elkaar zo goed mogelijk proberen te ontwijken, maar de Optocht kwam steeds dichterbij en dan was de kans groot dat ze elkaar wel onder ogen moesten komen.

'Waarom zou je dat willen?' vroeg ze onzeker. Rins nam een slok van zijn lavendelwater en haalde zijn schouders op. 'Het is best leuk om stemmen na te bootsten en iedereen is bang van Duvall. Het lijkt me wel spannend.'

Aster lachte. 'Man, doe ons dat niet aan.'

'Nee, inderdaad.' Solène wreef over haar blote armen en rilde. 'Hij maakt me echt bang, met die enge ogen van hem. En dan die bleke huid en zwarte kleren.'

Iedereen lachte, maar Genesis forceerde het geluid een beetje. Duvall was inderdaad eng, maar ze had nooit het gevoel gehad dat ze echt bang van hem moest zijn. Vroeger wel, dat zeker, maar op dit moment had ze zijn andere kant leren kennen en begrepen dat hij ook maar gewoon een mens was.

Om haar onbehagen te verbergen, nam Genesis nog een kippenbout en zette haar tanden in het malse vlees. Vet droop over haar kin. Aster keek hen aan en zei met zijn mond vol: 'Hij lijkt me echt zo'n mysterieuze kerel met een duister verleden. Ik denk niet dat we willen weten wat hij allemaal al heeft gedaan op zijn weg naar macht.'

'Als we de roddels moeten geloven...,' mompelde Syren en alle ogen richten zich tot hem. Rowena streelde nadenkend over de kop van haar raaf. 'Roddels?'

'Ja, iedereen heeft toch al de verhalen over Duvall gehoord?'

Genesis knikte. 'Ja, zelfs ik, maar ze gingen nooit over zijn verleden. Hij werd wel vaak als genadeloos omschreven en enorm machtig...'

In Syrens ogen flitste een vreemd licht. 'Misschien weten jullie niet alles,' mompelde hij duister en iedereen boog zich naar hem toe. Aan Genesis voeten lag Lupen en ze voelde hem verschuiven om zijn kop op haar voeten te leggen, alsof hij haar wilde afleiden.

'Vertel,' zei Solène op een zeurige toon en de andere knikten instemmend. Syren keek hen nadenkend aan, maar haalde toen zijn schouders op. 'Goed, als jullie dat echt willen.'

Aster maakte de kaarsen aan waardoor de vlammen een griezelig patroon van schaduwen op de verlaten zaal wierpen en ze bogen zich steeds dichter over de tafel terwijl Syren zijn keel schraapte. 'Ik weet niet alles, maar ik heb vreselijke dingen gehoord. Wisten jullie dat hij een broer heeft?'

'Wat?' stamelde Genesis verrast. 'Hij? Een broer? Is hij dood?'

'Nee,' zei Syren en schudde zijn hoofd. 'Blijkbaar is hij ook een Tijdmeester. Ik hoorde dat Duvall en hij enorm veel ruzie hadden...'

NOX - De BegaafdenLees dit verhaal GRATIS!