Hoofdstuk 10

1.4K 87 7

Het is niet moeilijk om onder het toeziend oog van haar vader uit te komen, vooral omdat dat oog er helemaal niet is. Zodra de deuren van het winkelcentrum openden, heeft hij haar daar afgezet en is hij samen met Alexandra naar wie-weet-waar vertrokken. Heel even heeft ze overwogen hen te volgen, maar de verleiding van het winkelcentrum is te groot om te weerstaan.

Een uur lang vermaakt ze zich met het kijken naar de ongelooflijke hoeveelheden kleding, cosmetica, apparatuur en nog veel meer. Bij de sieraden afdeling vindt ze een bedel voor haar polsband in de vorm van een cirkel waarop twee handen staan die elkaar net niet raken. Ze heeft geen idee wat het moet voorstellen, maar het doet haar direct aan Adwyon denken. Het kost bijna al het geld dat ze van haar vader geleend heeft, maar meer is ze toch niet van plan te kopen. Het T-shirt van de band Pitching Nature staat opeens onder aan haar lijst, het lijkt wel of haar prioriteiten plotseling veranderd zijn.

Bij de bedel hoort geen vaste app, maar ze kan er wel één aan toevoegen. Daar besluit ze nog even over na te denken.

---

Op een bankje, met een broodje in haar hand, zit ze wat later voor zich uit te staren. Ze had toch haar vader moeten volgen, hoe moet ze ooit beginnen met het zoeken naar iets dat volgens de overgrote meerderheid niet eens bestaat? Haar blik glijdt over de gezichten van de mensen rondom haar. Sommigen hebben haast en komen alleen boodschappen halen. Anderen lopen op hun gemak te struinen. Er zijn geen kinderen en weinig jongeren en ze beseft dat die nu allemaal op school zitten. Als er nu maar niet politie op haar afkomt om haar te vragen waarom ze niet in het grote gebouw hiernaast zit. Gelukkig negeert iedereen haar. Haar oog valt op een oude man met een wandelstok. Het is een zeldzaam gezicht, want de meeste oude mensen hebben de ziekte niet overleefd. Haar ogen volgen hem, totdat hij plotseling verdwenen is. Hè? Ze staat op en loopt naar de plaats toe waar hij net nog liep. Een zwarte muur gaat over in een lichtblauwe, maar ze ziet nergens een deur. Krijgt ze nu ook al waanbeelden?

Nog een stapje dichter naar de muur nemend, gluurt ze even over haar schouder. Niemand kijkt en behoedzaam legt ze een hand op de muur. Ze voelt niets.

Zich een beetje stom voelend, doet ze snel weer een stap achteruit. Natuurlijk is er geen geheime deur in een muur die op miraculeuze wijze speciaal voor haar opent. Ze hoort stemmen uit een papieren boek, waanbeelden passen daar ook nog wel bij, natuurlijk. Met haar rug tegen de muur gekeerd, laat ze zich achterover hellen en plotseling ligt ze op de grond.

Ze voelt hoe twee handen haar onder haar oksels grijpen en naar achteren trekken. Voor ze het op een gillen kan zetten, slaat iemand een hand over haar mond. Een vieze geur bereikt haar neus en voor ze de geur kan plaatsen, wordt de wereld zwart.

---

"Heeft iemand het gezien?"

"Nee, natuurlijk niet, wat denk je nou."

"Wat ging er in je hoofd om? Laten we gewoon even iemand naar binnen sleuren in ons super geheime keldergewelf? Wat dacht je? Een grietje van vijftien, zestien zal ons nooit en te nimmer verraden? Waar zat je met je hoofd, man?" Het geluid van een klap klinkt door de ruimte.

"Au, man, doe even normaal. Je denkt toch niet dat ik dit zelf bedacht heb. Ik kreeg alleen maar de opdracht om haar naar binnen te halen. Ik ben niet gek. Vraag het aan de hoge pipo's." Nog een klap.

"Kappen, gast!"

De stemmen die klinken zijn dichtbij, maar ze herkent ze niet. Waarom voelt de wereld zo wazig? Ze probeert haar gezicht aan te raken, maar haar hand komt niet verder dan haar buik.

"Ze is wakker, haal Dayo."

Alle spieren in haar lichaam zijn in lood veranderd, zelfs haar tong voelt als een baksteen en wanneer ze haar ogen open wil doen, kost dat al haar energie. Wat is er met haar aan de hand. Paniek probeert de overhand te krijgen, maar dan voelt ze de druk van een hand op haar schouder.

Bewaard Lees dit verhaal GRATIS!