Hoofdstuk 5

4.7K 453 124

Lang had ze daar nog gestaan, starend naar de plek waar hij in de menigte was verdwenen op zijn pikzwarte paard. Pas later besefte Genesis dat ze zo snel mogelijk naar het Castelio moest om op tijd te zijn voor haar diensten – en om Erke niet in woede te ontsteken.

Met bonkend hart liep ze de heuvel verder op en voelde keer op keer aan de gladde huid van haar arm. Genesis vroeg zich af waarom Duvall haar in hemelsnaam had geheeld – ze was immers maar een simpele bediende.

Toen besefte ze dat ze één van zijn Gaven had ontdekt.

Duvall was een Heelmeester.

Blijkbaar had hij echt meerdere Gaven, want alleen met mensen genezen werd je niet zo'n held als hij was. Genesis vroeg zich af welke krachten hij nog bezat en wilde daar plots doodgraag achter komen.

Met een flauwe glimlach liep ze verder en haar gedachten gleden naar Syren.

Hoe zat het met hem?

Ze voelde een vreemde steek van verraad. Ze wist niet of ze echt gevoelens voor hem had, maar leuk vond ze hem zeker. Door dit korte moment met Duvall leek het haast alsof ze overspel pleegde, maar dat kon helemaal niet want ze had met geen van beide een relatie.

En wie zei dat Duvall iets in haar zag? Hij had haar gewoon geholpen en dat kon verschillende redenen hebben. Hij werd als meedogenloos bestempeld, maar misschien had ook hij zijn zachte kant. Of hij wilde in een goed blaadje komen te staan bij het volk, die optie was er ook nog.

Ze zuchtte diep en veerde op toen de poorten van het Castelio zichtbaar werden. Tot haar opluchting was de escorte van Duvall al naar binnen geleid en kon Genesis wegglippen zonder gezien te worden.

Ze draafde lichtvoetig de gangen door en liep onderweg langs de grote klok die in het midden van het gebouw hing. Vijf voor vier. Opgelucht uitademend vervolgde ze haar weg naar de keukens en verbaasde zich over de rust die heerste in de gangen. Waar was iedereen?

Ze kwam aan en opende de deur om de keuken binnen te lopen. Daar heerste een drukte van jewelste. Verschillende dienstmeiden, zelf meisjes die ze niet kende, liepen af en aan met borden en pannen, schoven kratten op hun plaats of boenden de vettige vloer.

Genesis baande zich een weg door de drukte tot ze de grote gestalte van Erke in het oog kreeg. De dikke vrouw stond orders te geven aan een jong meisje dat haar met grote ogen aanstaarde en angstig knikte. De vrouw maakte zulke wilde gebaren met haar armen dat de kwabben vlees wild bewogen. Genesis trok haar neus op en wachtte beleefd tot Erke klaar was met haar geraas.

'En maak nu voort!' schreeuwde ze nog en het arme kind rende er als een bang haasje vandoor, haar gezicht bleek van de schrik.

Met een woeste draai, draaide Erke zich naar Genesis om. 'Zo, je bent er al.'

'Ja. Ik ben op tijd.'

Erke's varkensoogjes gleden naar de klok die aan de muur bevestigd was en ze snoof afkeurend. 'Ergens hoopte ik dat je te laat zou komen,' gromde ze met een gemene lach, maar toen werd haar blik terug serieus. 'Goed. Ga een bad nemen, laat je opmaken en kom dan weer naar hier. Het is een belangrijk en groot feest, dus zelfs jij moet er tip tot in orde uitzien.'

Genesis voelde een vlaag van opwinding en ze knikte. 'Mooi.'

Erke trok een wenkbrauw, maar zei niets en wuifde haar weg. 'Nou, ga dan.'

Genesis draaide zich om en haastte zich de gangen door tot bij de badplaatsen. Toen ze naar binnen ging, was het tot haar opluchting rustig. Een vrouw van middelbare leeftijd keek haar aan en glimlachte. 'Jij bent Genesis?'

'Eh, ja,' mompelde ze onzeker en fronste. Kende die vrouw haar? 'Goed. Ik heb de opdracht gekregen om je mooi te maken.'

Genesis' mond zakte een stukje open. 'Hoe bedoelt u?'

NOX - De BegaafdenLees dit verhaal GRATIS!