Deel 60

620 37 6

Eva pov
Zachtjes ga ik op de stoel zitten die naast Wolfs' bed staat. Hij is nog een beetje warm, waarschijnlijk heeft Luuk hierop gezeten. Ik schuif de stoel iets naar het hoofdeind van het bed toe zodat ik iets dichterbij hem ben. Voorzichtig til ik zijn pols op en ik voel of hij nog klopt. Ja, ik voel nog een hartslag. Dat had ik ook gewoon aan de piepjes van het apparaat naast hem kunnen horen, maar dit is toch een bevestiging. Ik sluit mijn vingers om zijn vingers. Ik kijk naar hem. Zijn haar zit een beetje warrig en zijn stoppelbaardje begint een beetje langer te worden. Het staat hem eigenlijk wel leuk. Zouden ze die hier scheren? Ik zou het echt niet weten, maar daar zal ik binnenkort wel achter komen.
'Hoe gaat het hier? Verzorgen ze je wel goed? Waarschijnlijk niet zo goed als ik dat kan, maar niet iedereen kan zo goed zijn als ik.' Ik probeer er een beetje een grapje van te maken, maar eigenlijk zie ik er de lol niet zo van in. Ik bedenk een ander onderwerp. 'Ik moet je iets vertellen, en iemand anders trouwens ook. Maar dat kan ik je nu niet vertellen, dat doe ik pas als je wakker bent. Dus als je slim bent, en je hoort dit, dan moet je snel wakker worden.' Zou hij überhaupt iets horen van wat ik tegen hem zeg? Ik begin er aan te twijfelen. Ze zeggen wel dat het helpt om te praten. Maar ik zie nog niet echt verbetering. 'Wolfs. Kan je me horen? Doe iets, als teken dat ik weet dat je me kan horen.' Ik heb niet eens door dat er alweer tranen over mijn wangen rollen. Heel stiekem verwacht ik dat Wolfs me een kneepje in mijn hand geeft, zoals dat in films ook gebeurt. Maar dat verwachte kneepje komt niet. Zijn hand ligt nog steeds beweegloos in de mijne. Mijn adem schokt een beetje van de tranen die nog steeds over mijn wangen lopen. Waarom kan ik ze nou niet bedwingen? Na een tijdje niks gezegd te hebben, word ik iets rustiger. Normaal zou Wolfs er voor me zijn om me te troosten, maar nu moet ik het toch echt alleen doen. Hij ís er wel, maar hij kan geen lieve woordjes in mijn oor fluisteren. Die moet ik er zelf maar bij fantaseren.
Ik kijk op de klok die in deze kamer hangt. Het is vijf voor half negen. De tijd van het bezoekuur is bijna om. Ik sta op en ga voorzichtig op de rand van zijn bed zitten. Heel langzaam komt mijn gezicht dichterbij die van hem. Mijn gezicht draai ik een beetje, zodat onze neuzen elkaar niet raken. Zacht druk ik mijn lippen op de zijne. Het voelt vreemd, alsof hij de kus zo kan beantwoorden en over kan gaan in een zoen. Maar dat gebeurt niet. Er gebeurt wel iets anders. Er verandert iets in deze ruimte. Steeds snellere piepjes vullen de ruimte. Ik neem afstand van Wolfs lippen. De piepjes worden weer wat langzamer. Het duurt even, maar dan realiseer ik me wat het was. Het waren piepjes die uit het apparaat komen die Wolfs hartslag meet. Op het moment dat ik hem een kus gaf, versnelde zijn hartslag. Dit moet het teken zijn waar ik om vroeg. Een glimlach verschijnt op mijn gezicht. Ik buig voorover. 'Ik hou van je.' Fluister ik zacht in zijn oor. Ik druk nog één kus op zijn wang. Ik sta op en loop naar de deur, waarvan ik de klink al beet heb. Voor de laatste keer vandaag kijk ik achterom. 'Tot morgen.' Ik druk de klink verder naar beneden en stap door de opening van de deur.

Zijn  'vriend' - Flikken MaastrichtLees dit verhaal GRATIS!