7

80 7 4

De dagen vliegen voorbij. Het is al twee weken geleden dat ik bij Lif ben geweest. De veiligheid van Emily is belangrijk, het is lastig.. aangezien Emily niet meer of heel weinig tegen mij zegt. Ik begin me langzamerhand zorgen te maken. Maar ik zou niet weten hoe ik haar kan helpen..
Lif en ik zijn elkaar zowat zat. Ik kom te vaak langs, maar dat doe ik voor haar. Omdat Silver.. ja, bij Silver is het niet gelukt.
Lif is er echt stuk van, ze reageert nergens meer op. Nou ja, wel een beetje maar dan is het heel wazig. Ik hou van Emily. Maar zij niet van mij. Ik kan mezelf wel stuk slaan. Nou ja, niet letterlijk.
Ik vind het lastig. Mijn gevoelens slaan op hol. Ik weet niet meer wat ik moet doen.
Ik kijk naar Emily die op de bank zit, heel rustig en onschuldig. Ze kijkt op zodra ze door heeft dat ik naar haar kijk. Ze schud haar hoofd en staat op. 'Ik.. Ik ga weg. Bedankt voor alle zorg.'
Ik kijk haar verbaasd aan. 'Je mag niet weg! Je veiligheid, ik weet het, ik ben zo stom maar ga niet weg!'
'Waarom moet ik bij jou zijn? Ik heb niks misdaan en dan loop jij iedere keer over mijn veiligheid te zeiken. GEEF GEWOON TOE WAT HIER SPEELT!'
'Emily!'
~•~•

POV Lif.

Mijn ogen staan opnieuw waterig. Het verbaasd me dat ik wel kan huilen maar andere niet.. Drake komt regelmatig langs waar ik me kapot aan erger. Hij toont geen interesse in mij. Maar ik al helemaal niet in hem! Het enige wat ik wil is dat Silver terug komt!
De tranen stromen over mijn wangen.
Van Gwen hoor ik de laatste tijd erg weinig. Ze stuurt me regelmatig een berichtje of een handgeschreven kaart. Ik haal een had door mijn haar.
Had mij laten sterven, niet Silver! Ik hield van hem. Nou ja, dat doe ik nog steeds. Maar hij zal ergens wel een ander hebben.
Ergens waar een meisjes vampier is maar dan ook is overleden.
Ik veeg met de rug van mijn hand mijn tranen weg, wat geen nut heeft omdat ze blijven stromen. Ik zit aan de keukentafel te ploegen aan mijn huiswerk. Ik weet nog goed toen Silver mij hielp. Ik sta op en pak mijn jas van de kapstok.
Ik trek mijn schoenen aan en loop de trappen af, de buitenlucht in. Ik haal diep adem.

Mijn pas versnel ik waardoor ik eerder in het bos ben. Ik loop naar de boom.
De boom waar Silver en ik onze namen in hebben gekrast toen we hier samen liepen. Hier ligt hij nu. Ik wou dat. Ik weet niet hoe hij het heeft gewild maar ik denk dat hij dit ook mooi of bijzonder heeft gevonden. Ik heb geen rozen of bloemen bij me. Omdat ik niet wil dat iemand weet dat Silver hier ligt. Eigenlijk wist ik niets over hem. Maar zijn aandacht en lieve woorden lieten mij al smelten. Opnieuw rollen er een paar tranen over mijn wang. Ik heb hém begraven. Alleen ik. Niemand anders. Niemand was erbij. Wat had ik anders kunnen doen?
Zelfs Frank weet er niks van.
Ik ben al weken niet meer bij mijn ouders geweest. Ik heb er ook niet écht behoefte aan, om die mensen op te zoeken.

'Wat ben je aan het doen?' Vraagt een heel bekende stem. Dié stem ken ik uit duizenden! Het is..
Ik kijk op. Ja, het is 'm
Nee! Ik zie spoken!!
Ik kijk terug naar het graf en dan weer naar de jongen. 'Mijn hemel!' Is het enige wat ik uitbreng.
~•~•~

POV Gwen.

Ik til mijn hoofd op en kijk door het raam naar buiten. Ik denk aan Lif. Jemig, wat heeft zij het moeilijk! Ik verdiep mezelf steeds verder in mijn gedachten. En opeens schrik ik op van een harde kletter op mijn tafel. 'Mrs, Gwen.'
Snel kijk ik naar het bord.
'150 is gelijk aan y ?'
'Juist ja, alleen ik vroeg of je het raam een stukje wou open doen om hier frisse lucht te krijgen omdat meerdere van jullie bijna in slaap vallen door deze warmte.'
'Mrs. Leopold, ik voel mij niet goed. Zou ik naar huis mogen gaan?' Lieg ik.
'Je bent toch niet oververhit, hé?'
'Nee, dat denk ik niet. Ik barst alleen van de hoofd en buikpijn.'
'Goed dan, meld je maar af bij Mrs. Crawley en laat je ouders de gele brief ondertekenen.'

Ik knik en loop met gebogen hoofd het lokaal uit. Mijn ouders? Die heb ik niet. Nou ja, wel. Alleen ze zullen mij niet herkennen..
Vanaf mijn zesde ben ik vampier. Sindsdien ben ik weggehaald bij mijn ouders. Ik snapte er nooit wat van, maar nu is alles gewoon.
Mijn schooluniform is vies geworden en mijn witte sokken zitten onder de modder.
Mijn oom was omgekomen bij een auto-ongeluk. De politie vertelde mijn ouders dat hij zijn gordel niet om had. Dat is echt niets voor mijn oom! Als je bij hem in de auto zat controleerde hij altijd de gordel. En o, als je hem niet om had, dan was hij pas écht boos.

Ik spring op mijn fiets en race naar de autosloperij. Die arme auto's ze staan te wachten tot dat ze aan de beurt komen om vermoord te worden.

Ik kom aan bij de sloperij. Er staat een kantoortje met een man die de krant leest erin. Ik loop met mijn fiets naar een dief van muur en zet 'm daar tegenaan. Ik hoor de telefoon en de man brommen. Ik pak mijn kans en ren de sloperij in. Ik kom in een schuur terecht alleen zonder dak. Ik kijk om me heen en zie dan de BMW van mijn oom. Zielig en alleen in een hoekje gepropt. Ik ren er naartoe. Juist! Ik wist het! Hij is niet door een ongeluk omgekomen het waren kogels! Mijn vinger glijd over de gaten heen. De voorruit en de zij-raampjes zijn kapot.

'....We zullen hem goed te grazen nemen'
Hoor ik iemand zeggen. Een andere man begint hard te lachen. Zo'n wraak lach.
Ze komen steeds dichterbij. Mijn enige optie om niet gesnapt te worden is om in de auto te springen en zo stil mogelijk zijn. En dat doe ik. Ik maak nr zo klein mogelijk. In de auto tref ik donkerbruine vlekken aan. Je hoeft mij niet te vragen wat dát is..

-------------

Weer een langer hoofdstukje!
YAY!
Die puntjes op het eind betekend niks. Gewoon van dat het bloed is. You k'now?

Laterzz!

xxxx

Skylar!

My Life as a VampireRead this story for FREE!